BWBR0020791
Geldig vanaf 2007-03-20
Artikel 1.3
Subsidieregeling ESF 2007–2013
1. Het maximaal beschikbare bedrag voor het verlenen van subsidie bedraagt voor de periode van 1 januari 2007 tot en met 31 december 2013:
a. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder a, € 199.200.657,–, waarvan € 66.400.219,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder a, € 66.400.219,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder b, en € 66.400.219,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder c;
b. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder b, € 66.400.219,–;
c. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder c, € 116.200.383,–;
d. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder d, € 373.501.232,–;
e. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder e, € 41.500.137,–.
2. De minister kan met betrekking tot de verdeling van het maximaal beschikbare bedrag, bedoeld in het eerste lid, over de periode van 1 januari 2007 tot en met 31 december 2013 voorafgaande aan het aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel 5.1, een maximaal beschikbaar bedrag voor een kalenderjaar vaststellen. Indien de minister het maximaal beschikbaar bedrag voor een kalenderjaar na 2007 vaststelt, doet hij daarvan mededeling in de Staatscourant.
3. Indien na afloop van het aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel 5.1, vierde lid, blijkt dat het totale bedrag aan subsidieaanvragen ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder a, onderscheiden per doelgroep als bedoeld in artikel 2.1.1, onder a tot en met c, met betrekking tot één van die doelgroepen geringer is dan het voor dat aanvraagtijdvak voor die doelgroep beschikbare bedrag, terwijl voor elk van de beide andere doelgroepen geldt dat het totale bedrag aan subsidieaanvragen dat met betrekking tot elk van die beide andere doelgroepen is ingediend, het voor dat aanvraagtijdvak voor elk van die beide andere doelgroepen beschikbare bedrag overschrijdt, wordt het onbenutte gedeelte van het beschikbare bedrag van de ene doelgroep in gelijke delen toegevoegd aan het beschikbare bedrag voor elk van de beide andere doelgroepen. Indien na afloop van het aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel 5.1, vierde lid, blijkt dat het totale bedrag aan subsidieaanvragen ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder a, onderscheiden per doelgroep als bedoeld in artikel 2.1.1, onder a tot en met c, met betrekking tot twee van die doelgroepen, per doelgroep geringer is dan het voor dat aanvraagtijdvak voor elk van die twee doelgroepen beschikbare bedrag, terwijl voor de derde doelgroep geldt dat het totale bedrag aan subsidieaanvragen dat met betrekking tot die doelgroep is ingediend het voor dat aanvraagtijdvak voor die doelgroep beschikbare bedrag overschrijdt, wordt het onbenutte gedeelte van de beschikbare bedragen van de twee doelgroepen geheel toegevoegd aan het beschikbare bedrag voor de doelgroep, waarbij het totale bedrag aan subsidieaanvragen het voor die doelgroep beschikbare bedrag overschrijdt. Van een toevoeging als bedoeld in de eerste of de tweede zin doet de Minister mededeling in de Staatscourant.
4. Het maximaal beschikbare bedrag voor het verlenen van subsidie bedraagt voor het kalenderjaar 2007:
a. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder a, € 36.994.408,–, waarvan € 12.331.469,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder a, € 12.331.469,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder b, en € 12.331.469,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder c;
b. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder b, € 12.331.496,–;
c. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder c, € 24.900.082,–;
d. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder d, € 106.714.638,–;
e. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder e, € 7.114.309,–.
5. Het maximaal beschikbare bedrag voor het verlenen van subsidie bedraagt voor het kalenderjaar 2008:
a. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder a, € 53.187.662,–, waarvan € 17.729.221,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder a, € 17.729.221,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder b, en € 17.729.220,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder c;
b. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder b, € 21.817.215,–;
c. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder c, € 38.200.109,–;.
d. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder d, € 53.357.319,– voor het aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onderdeel a, onder 2°, en € 110.000.000,– voor het aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onderdeel b.
6. Het maximaal beschikbare bedrag voor het verlenen van subsidie bedraagt voor het kalenderjaar 2009:
a. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder a, € 90.000.000,–, waarvan € 30.000.000,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten voor zover gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder a, € 30.000.000,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten voor zover gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder b, en € 30.000.000,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten voor zover gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder c;
b. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder b, € 15.000.000,–;
c. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder e, € 7.000.000,–;
d. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder c, € 40.000.000,–;
e. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder d, € 150.000.000,–.
a. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder a, € 199.200.657,–, waarvan € 66.400.219,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder a, € 66.400.219,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder b, en € 66.400.219,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder c;
b. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder b, € 66.400.219,–;
c. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder c, € 116.200.383,–;
d. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder d, € 373.501.232,–;
e. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder e, € 41.500.137,–.
2. De minister kan met betrekking tot de verdeling van het maximaal beschikbare bedrag, bedoeld in het eerste lid, over de periode van 1 januari 2007 tot en met 31 december 2013 voorafgaande aan het aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel 5.1, een maximaal beschikbaar bedrag voor een kalenderjaar vaststellen. Indien de minister het maximaal beschikbaar bedrag voor een kalenderjaar na 2007 vaststelt, doet hij daarvan mededeling in de Staatscourant.
3. Indien na afloop van het aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel 5.1, vierde lid, blijkt dat het totale bedrag aan subsidieaanvragen ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder a, onderscheiden per doelgroep als bedoeld in artikel 2.1.1, onder a tot en met c, met betrekking tot één van die doelgroepen geringer is dan het voor dat aanvraagtijdvak voor die doelgroep beschikbare bedrag, terwijl voor elk van de beide andere doelgroepen geldt dat het totale bedrag aan subsidieaanvragen dat met betrekking tot elk van die beide andere doelgroepen is ingediend, het voor dat aanvraagtijdvak voor elk van die beide andere doelgroepen beschikbare bedrag overschrijdt, wordt het onbenutte gedeelte van het beschikbare bedrag van de ene doelgroep in gelijke delen toegevoegd aan het beschikbare bedrag voor elk van de beide andere doelgroepen. Indien na afloop van het aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel 5.1, vierde lid, blijkt dat het totale bedrag aan subsidieaanvragen ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder a, onderscheiden per doelgroep als bedoeld in artikel 2.1.1, onder a tot en met c, met betrekking tot twee van die doelgroepen, per doelgroep geringer is dan het voor dat aanvraagtijdvak voor elk van die twee doelgroepen beschikbare bedrag, terwijl voor de derde doelgroep geldt dat het totale bedrag aan subsidieaanvragen dat met betrekking tot die doelgroep is ingediend het voor dat aanvraagtijdvak voor die doelgroep beschikbare bedrag overschrijdt, wordt het onbenutte gedeelte van de beschikbare bedragen van de twee doelgroepen geheel toegevoegd aan het beschikbare bedrag voor de doelgroep, waarbij het totale bedrag aan subsidieaanvragen het voor die doelgroep beschikbare bedrag overschrijdt. Van een toevoeging als bedoeld in de eerste of de tweede zin doet de Minister mededeling in de Staatscourant.
4. Het maximaal beschikbare bedrag voor het verlenen van subsidie bedraagt voor het kalenderjaar 2007:
a. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder a, € 36.994.408,–, waarvan € 12.331.469,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder a, € 12.331.469,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder b, en € 12.331.469,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder c;
b. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder b, € 12.331.496,–;
c. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder c, € 24.900.082,–;
d. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder d, € 106.714.638,–;
e. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder e, € 7.114.309,–.
5. Het maximaal beschikbare bedrag voor het verlenen van subsidie bedraagt voor het kalenderjaar 2008:
a. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder a, € 53.187.662,–, waarvan € 17.729.221,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder a, € 17.729.221,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder b, en € 17.729.220,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder c;
b. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder b, € 21.817.215,–;
c. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder c, € 38.200.109,–;.
d. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder d, € 53.357.319,– voor het aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onderdeel a, onder 2°, en € 110.000.000,– voor het aanvraagtijdvak, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, onderdeel b.
6. Het maximaal beschikbare bedrag voor het verlenen van subsidie bedraagt voor het kalenderjaar 2009:
a. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder a, € 90.000.000,–, waarvan € 30.000.000,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten voor zover gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder a, € 30.000.000,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten voor zover gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder b, en € 30.000.000,– beschikbaar is voor het verlenen van subsidie ten behoeve van projecten voor zover gericht op de doelgroep, bedoeld in artikel 2.1.1, onder c;
b. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder b, € 15.000.000,–;
c. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder e, € 7.000.000,–;
d. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder c, € 40.000.000,–;
e. ten behoeve van projecten als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, onder d, € 150.000.000,–.