BWBR0020421
Geldig vanaf 2025-07-18
Artikel 168ce
Besluit Gedragstoezicht financiële ondernemingen Wft
1. Een kredietkoper met zetel in Nederland die de rechten van een kredietgever op grond van een niet-renderende kredietovereenkomst of de niet-renderende kredietovereenkomst zelf overdraagt aan een nieuwe kredietkoper of, in voorkomend geval, zijn vertegenwoordiger stelt de Autoriteit Financiële Markten twee keer per jaar in kennis van de identificatiecode voor juridische entiteiten (Legal Entity Identifier) van de nieuwe kredietkoper of, in voorkomend geval, zijn vertegenwoordiger of, indien een dergelijke identificatiecode ontbreekt, van:
a. de identiteit en het adres van de nieuwe kredietkoper of, in voorkomend geval, de identiteit en het adres van zijn vertegenwoordiger; dan wel
b. de identiteit van de leden van het leidinggevende orgaan of bestuursorgaan van de nieuwe kredietkoper of zijn vertegenwoordiger en van de personen die een gekwalificeerde deelneming in de kredietkoper of vertegenwoordiger houden.
2. De kredietkoper of zijn vertegenwoordiger stelt de Autoriteit Financiële Markten tevens in kennis van ten minste:
a. het totale uitstaande saldo van de rechten van de kredietgever krachtens de niet-renderende kredietovereenkomsten, of de niet-renderende kredietovereenkomsten zelf, die worden overgedragen;
b. het aantal en de omvang van de rechten van de kredietgever krachtens de niet-renderende kredietovereenkomsten, of de niet-renderende kredietovereenkomsten zelf, die zijn overgedragen;
c. informatie over de vraag of de rechten van de kredietgever krachtens een met een consument gesloten niet-renderende kredietovereenkomst of een met een consumenten gesloten niet-renderende kredietovereenkomsten zelf, onder de overdracht vallen, en de soorten activa die voor de niet-renderende kredietovereenkomst als zekerheid zijn gesteld.
3. De Autoriteit Financiële Markten verstrekt de door haar overeenkomstig het eerste en tweede lid verkregen informatie zonder onnodige vertraging aan de toezichthoudende instantie van de lidstaat van ontvangst als bedoeld in artikel 3, punt 11, van de richtlijn kredietservicers en kredietkopers alsmede aan de toezichthoudende instantie van de lidstaat van herkomst, bedoeld in artikel 3, punt 10, van die richtlijn, van de nieuwe kredietkoper.
4. Voor de toepassing van het eerste en tweede lid wordt onder een vertegenwoordiger verstaan: een door een kredietkoper overeenkomstig artikel 4:81l, eerste lid, van de wetaangewezen vertegenwoordiger.
a. de identiteit en het adres van de nieuwe kredietkoper of, in voorkomend geval, de identiteit en het adres van zijn vertegenwoordiger; dan wel
b. de identiteit van de leden van het leidinggevende orgaan of bestuursorgaan van de nieuwe kredietkoper of zijn vertegenwoordiger en van de personen die een gekwalificeerde deelneming in de kredietkoper of vertegenwoordiger houden.
2. De kredietkoper of zijn vertegenwoordiger stelt de Autoriteit Financiële Markten tevens in kennis van ten minste:
a. het totale uitstaande saldo van de rechten van de kredietgever krachtens de niet-renderende kredietovereenkomsten, of de niet-renderende kredietovereenkomsten zelf, die worden overgedragen;
b. het aantal en de omvang van de rechten van de kredietgever krachtens de niet-renderende kredietovereenkomsten, of de niet-renderende kredietovereenkomsten zelf, die zijn overgedragen;
c. informatie over de vraag of de rechten van de kredietgever krachtens een met een consument gesloten niet-renderende kredietovereenkomst of een met een consumenten gesloten niet-renderende kredietovereenkomsten zelf, onder de overdracht vallen, en de soorten activa die voor de niet-renderende kredietovereenkomst als zekerheid zijn gesteld.
3. De Autoriteit Financiële Markten verstrekt de door haar overeenkomstig het eerste en tweede lid verkregen informatie zonder onnodige vertraging aan de toezichthoudende instantie van de lidstaat van ontvangst als bedoeld in artikel 3, punt 11, van de richtlijn kredietservicers en kredietkopers alsmede aan de toezichthoudende instantie van de lidstaat van herkomst, bedoeld in artikel 3, punt 10, van die richtlijn, van de nieuwe kredietkoper.
4. Voor de toepassing van het eerste en tweede lid wordt onder een vertegenwoordiger verstaan: een door een kredietkoper overeenkomstig artikel 4:81l, eerste lid, van de wetaangewezen vertegenwoordiger.