BWBR0019507
Geldig vanaf 2007-05-05
Artikel 4.2
Regeling uniforme saneringen
1. Degene die saneert verstrekt bij het verslag, bedoeld in artikel 13 van het besluit, de volgende gegevens aan het bevoegd gezag:
a. de naam, adres- en woonplaatsgegevens van de melder, de eigenaar of erfpachter van de saneringslocatie, of, indien de sanering zich over meerdere aaneengesloten kadastrale percelen uitstrekt, van de betrokken eigenaren of erfpachters, en de saneerder;
b. de kadastrale gegevens met betrekking tot de saneringslocatie;
c. de toegepaste categorie van uniforme saneringen;
d. de toegepaste saneringsaanpak of -aanpakken;
e. een revisietekening waarop is aangegeven: 1°. de gerealiseerde oppervlakte van de saneringslocatie;
2°. de gerealiseerde saneringswerkzaamheden, inclusief dwarsdoorsnede; en
3°. de plaats en de soort voorzieningen;
4e. de voorzieningen, inclusief hun beschrijving, bedoeld in artikel 3.2.8;
1°. de gerealiseerde oppervlakte van de saneringslocatie;
2°. de gerealiseerde saneringswerkzaamheden, inclusief dwarsdoorsnede; en
3°. de plaats en de soort voorzieningen;
4e. de voorzieningen, inclusief hun beschrijving, bedoeld in artikel 3.2.8;
f. een overzicht van het totale grondverzet op de saneringslocatie;
g. de hoeveelheid, kwaliteit en de feitelijke afvoerbestemming van bij de sanering vrijgekomen verontreinigde grond;
h. de hoeveelheid en kwaliteit van de aangevoerde grond;
i. de dikte, aard, constructie en kwaliteit van de aangebrachte isolatielaag;
j. de gerealiseerde terugsaneerwaarden voor grond en grondwater;
k. voor grondwateronttrekkingen een beschrijving van de wijze waarop dit heeft plaatsgevonden, de debieten, de onttrokken hoeveelheden, gehalten aan verontreinigingen, de eventuele (voor)zuivering en lozingswijze; en
l. in geval van toepassing van de saneringsaanpak bedoeld in artikelen 3.1.3 of 3.1.4 een beschrijving van de eventuele beperkingen van het gebruik van de bodem als gevolg van het aanwezig zijn van de isolatielaag; en
m. de overige gegevens en documenten, zoals aangegeven in de modellen die zijn opgenomen in bijlage 5.
2. De gegevens met betrekking tot gerealiseerde aspecten bedoeld in het eerste lid, onder e tot en met k, worden achterwege gelaten in het verslag indien:
a. gesaneerd is volgens de saneringsaanpak verplaatsen van verontreinigde grond, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a, van het besluit;
b. de uitkomende grond is teruggebracht in de ontgraving; en
c. de kwaliteit van de terug te plaatsen grond niet verschilt met de kwaliteit van de aansluitende bodem.
3. Voor het verstrekken van de gegevens bij het verslag, bedoeld in het eerste lid, wordt per categorie uniforme saneringen gebruik gemaakt van een formulier waarvan de modellen zijn opgenomen in bijlage 5.
a. de naam, adres- en woonplaatsgegevens van de melder, de eigenaar of erfpachter van de saneringslocatie, of, indien de sanering zich over meerdere aaneengesloten kadastrale percelen uitstrekt, van de betrokken eigenaren of erfpachters, en de saneerder;
b. de kadastrale gegevens met betrekking tot de saneringslocatie;
c. de toegepaste categorie van uniforme saneringen;
d. de toegepaste saneringsaanpak of -aanpakken;
e. een revisietekening waarop is aangegeven: 1°. de gerealiseerde oppervlakte van de saneringslocatie;
2°. de gerealiseerde saneringswerkzaamheden, inclusief dwarsdoorsnede; en
3°. de plaats en de soort voorzieningen;
4e. de voorzieningen, inclusief hun beschrijving, bedoeld in artikel 3.2.8;
1°. de gerealiseerde oppervlakte van de saneringslocatie;
2°. de gerealiseerde saneringswerkzaamheden, inclusief dwarsdoorsnede; en
3°. de plaats en de soort voorzieningen;
4e. de voorzieningen, inclusief hun beschrijving, bedoeld in artikel 3.2.8;
f. een overzicht van het totale grondverzet op de saneringslocatie;
g. de hoeveelheid, kwaliteit en de feitelijke afvoerbestemming van bij de sanering vrijgekomen verontreinigde grond;
h. de hoeveelheid en kwaliteit van de aangevoerde grond;
i. de dikte, aard, constructie en kwaliteit van de aangebrachte isolatielaag;
j. de gerealiseerde terugsaneerwaarden voor grond en grondwater;
k. voor grondwateronttrekkingen een beschrijving van de wijze waarop dit heeft plaatsgevonden, de debieten, de onttrokken hoeveelheden, gehalten aan verontreinigingen, de eventuele (voor)zuivering en lozingswijze; en
l. in geval van toepassing van de saneringsaanpak bedoeld in artikelen 3.1.3 of 3.1.4 een beschrijving van de eventuele beperkingen van het gebruik van de bodem als gevolg van het aanwezig zijn van de isolatielaag; en
m. de overige gegevens en documenten, zoals aangegeven in de modellen die zijn opgenomen in bijlage 5.
2. De gegevens met betrekking tot gerealiseerde aspecten bedoeld in het eerste lid, onder e tot en met k, worden achterwege gelaten in het verslag indien:
a. gesaneerd is volgens de saneringsaanpak verplaatsen van verontreinigde grond, bedoeld in artikel 3, eerste lid, onder a, van het besluit;
b. de uitkomende grond is teruggebracht in de ontgraving; en
c. de kwaliteit van de terug te plaatsen grond niet verschilt met de kwaliteit van de aansluitende bodem.
3. Voor het verstrekken van de gegevens bij het verslag, bedoeld in het eerste lid, wordt per categorie uniforme saneringen gebruik gemaakt van een formulier waarvan de modellen zijn opgenomen in bijlage 5.