BWBR0019107
Geldig vanaf 2005-12-06
Artikel 4.1
Regeling beschikbaarstelling ambtenaren aan de Nederlandse Antillen en Aruba
1. De belanghebbende heeft bij beschikbaarstelling en beëindiging van zijn beschikbaarstelling voor een verhuizing van en naar Nederland voor hem en zijn gezin aanspraak op een verhuiskostenvergoeding.
2. De verhuiskostenvergoeding bedoeld in het eerste lid is analoog aan de betreffende bepalingen in het Verplaatsingskostenbesluit 1989en in de Verplaatsingskostenregeling 1989, zulks onder aftrek van de vergoedingen verstrekt door de Nederlandse Antillen respectievelijk Aruba en met uitzondering van de bepalingen ten aanzien van tijdelijke huisvesting.
3. Indien door de belanghebbende bij zijn beschikbaarstelling geen kosten voor het transport van een personenauto in rekening worden gebracht, wordt aan hem op zijn verzoek een tegemoetkoming in de aanschaf van een personenauto verleend van US$ 600.
4. Aan de belanghebbende kan – indien hij bij zijn beschikbaarstelling of beëindiging van zijn beschikbaarstelling nog geen woning kan betrekken – op zijn verzoek een vergoeding worden verleend van de kosten voor opslag van de inboedel in het land van aankomst voor maximaal twee weken.
5. Voor de toepassing van het Verplaatsingskostenbesluit 1989en de Verplaatsingskostenregeling 1989 worden de beschikbaarstelling en beëindiging van de beschikbaarstelling gelijkgesteld met respectievelijk indiensttreding en ontslag.
6. Voor de toekenning van de verhuiskostenvergoeding voor de verhuizing van het gezin naar de Nederlandse Antillen of Aruba geldt als voorwaarde dat het gezin medisch is goedgekeurd en dat gezinsverband aldaar voor ten minste 6 maanden zal bestaan.
2. De verhuiskostenvergoeding bedoeld in het eerste lid is analoog aan de betreffende bepalingen in het Verplaatsingskostenbesluit 1989en in de Verplaatsingskostenregeling 1989, zulks onder aftrek van de vergoedingen verstrekt door de Nederlandse Antillen respectievelijk Aruba en met uitzondering van de bepalingen ten aanzien van tijdelijke huisvesting.
3. Indien door de belanghebbende bij zijn beschikbaarstelling geen kosten voor het transport van een personenauto in rekening worden gebracht, wordt aan hem op zijn verzoek een tegemoetkoming in de aanschaf van een personenauto verleend van US$ 600.
4. Aan de belanghebbende kan – indien hij bij zijn beschikbaarstelling of beëindiging van zijn beschikbaarstelling nog geen woning kan betrekken – op zijn verzoek een vergoeding worden verleend van de kosten voor opslag van de inboedel in het land van aankomst voor maximaal twee weken.
5. Voor de toepassing van het Verplaatsingskostenbesluit 1989en de Verplaatsingskostenregeling 1989 worden de beschikbaarstelling en beëindiging van de beschikbaarstelling gelijkgesteld met respectievelijk indiensttreding en ontslag.
6. Voor de toekenning van de verhuiskostenvergoeding voor de verhuizing van het gezin naar de Nederlandse Antillen of Aruba geldt als voorwaarde dat het gezin medisch is goedgekeurd en dat gezinsverband aldaar voor ten minste 6 maanden zal bestaan.