BWBR0018831
Geldig vanaf 2023-06-03
Artikel 138
Wet verplichte beroepspensioenregeling
1. Een beroepspensioenfonds richt zijn organisatie zodanig in dat deze een beheerste en integere bedrijfsvoering waarborgt.
2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot het eerste lid. De regels hebben in ieder geval betrekking op:
a. het beheersen van bedrijfsprocessen en bedrijfrisico’s;
b. integriteit;
c. de soliditeit van het beroepspensioenfonds, waaronder wordt verstaan: 1°. het beheersen van financiële risico’s; en
2°. het beheersen van andere risico’s die de soliditeit van het beroepspensioenfonds kunnen aantasten;
1°. het beheersen van financiële risico’s; en
2°. het beheersen van andere risico’s die de soliditeit van het beroepspensioenfonds kunnen aantasten;
d. het beheersen van de financiële positie over de lange termijn door periodiek een haalbaarheidstoets te maken.
2. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot het eerste lid. De regels hebben in ieder geval betrekking op:
a. het beheersen van bedrijfsprocessen en bedrijfrisico’s;
b. integriteit;
c. de soliditeit van het beroepspensioenfonds, waaronder wordt verstaan: 1°. het beheersen van financiële risico’s; en
2°. het beheersen van andere risico’s die de soliditeit van het beroepspensioenfonds kunnen aantasten;
1°. het beheersen van financiële risico’s; en
2°. het beheersen van andere risico’s die de soliditeit van het beroepspensioenfonds kunnen aantasten;
d. het beheersen van de financiële positie over de lange termijn door periodiek een haalbaarheidstoets te maken.