BWBR0018458
Geldig vanaf 2005-08-05
Artikel 33
Besluit luchtkwaliteit 2005
1. Gedeputeerde staten doen in een jaar waarin een inventarisatie als bedoeld in artikel 26, eerste lid, onderscheidenlijk 29, eerste lid, of een vaststelling als bedoeld in artikel 26, tweede, derde, vierde of zesde lid, 28onderscheidenlijk 29, tweede of derde lid, heeft plaatsgevonden, voor 1 juli schriftelijk verslag aan Onze Minister van de luchtverontreiniging door zwaveldioxide, stikstofdioxide, stikstofoxiden, zwevende deeltjes (PM 10), lood, koolmonoxide en benzeen in de provincie alsmede van de maatregelen en plannen om de in de artikelen 12, 15, 20, 21, 22en 23genoemde waarden te bereiken of te handhaven. Zij betrekken in hun verslag de resultaten van de ingevolge artikel 26verrichte vaststelling van de luchtverontreiniging, de ingevolge artikel 32opgestelde verslagen en de ingevolge artikel 9opgestelde plannen. In het verslag wordt melding gemaakt van ingevolge artikel 25vastgestelde overschrijding van de in de artikelen 13en 18genoemde waarden.
2. In het in het eerste lid bedoelde verslag geven gedeputeerde staten een overzicht van de luchtverontreiniging door zwaveldioxide, stikstofdioxide, stikstofoxiden, zwevende deeltjes (PM 10), koolmonoxide en benzeen in de binnen de provincie gelegen agglomeraties, alsmede van de maatregelen en plannen om de toepasselijke in de artikelen 12, 15, 21, 22en 23genoemde grenswaarden daar te bereiken of te handhaven. De tweede volzin van het eerste lid is van overeenkomstige toepassing.
2. In het in het eerste lid bedoelde verslag geven gedeputeerde staten een overzicht van de luchtverontreiniging door zwaveldioxide, stikstofdioxide, stikstofoxiden, zwevende deeltjes (PM 10), koolmonoxide en benzeen in de binnen de provincie gelegen agglomeraties, alsmede van de maatregelen en plannen om de toepasselijke in de artikelen 12, 15, 21, 22en 23genoemde grenswaarden daar te bereiken of te handhaven. De tweede volzin van het eerste lid is van overeenkomstige toepassing.