BWBR0017837
Geldig vanaf 2005-01-01
Artikel 21
Wet werk en inkomen kunstenaars
1. Op verzoek van de kunstenaar die uitkering ontvangt op grond van deze wet, kan het college, zo nodig gehoord de adviserende instelling, aan hem voorzieningen aanbieden, gericht op het bevorderen van de arbeidsinschakeling in het kader van de uitoefening van een gemengde beroepspraktijk.
2. Het college kan werkzaamheden die in het kader van de voorzieningen, bedoeld in het eerste lid, worden uitgevoerd, laten verrichten door derden. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen hieromtrent regels worden gesteld.
3. Het college kan de voorziening, bedoeld in het eerste lid, op verzoek van de kunstenaar ook aan zijn echtgenoot aanbieden.
4. De gemeenteraad van een gemeente, waarvan het college is aangewezen op grond van artikel 23, eerste lid, stelt bij verordening regels met betrekking tot de toepassing van het eerste lid.
2. Het college kan werkzaamheden die in het kader van de voorzieningen, bedoeld in het eerste lid, worden uitgevoerd, laten verrichten door derden. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen hieromtrent regels worden gesteld.
3. Het college kan de voorziening, bedoeld in het eerste lid, op verzoek van de kunstenaar ook aan zijn echtgenoot aanbieden.
4. De gemeenteraad van een gemeente, waarvan het college is aangewezen op grond van artikel 23, eerste lid, stelt bij verordening regels met betrekking tot de toepassing van het eerste lid.