BWBR0015640
Geldig vanaf 2003-10-05
Artikel 14
Aanvullend luchthavenreglement Rotterdam
1. Voertuigen worden geparkeerd of gestald conform de door de exploitant gegeven aanwijzingen.
2. Het parkeren van voertuigen op andere dan op de daarvoor bestemde parkeerplaatsen, is verboden, tenzij daarvoor schriftelijke toestemming is verleend door de exploitant.
3. Het is verboden om elders dan op de daartoe door de exploitant aangewezen plaatsen, goederen over te laden, te reinigen of te repareren.
4. Zonder toestemming van de exploitant is het gebruik van voertuigen in gebouwen verboden.
5. In geval van overtreding van het onder het eerste, tweede, derde of vierde lid, dan wel wanneer de goede orde of veiligheid zulks vereisen, kan het betreffende voertuig door of vanwege de exploitant worden verplaatst naar een daartoe door hem aangewezen terreingedeelte.
2. Het parkeren van voertuigen op andere dan op de daarvoor bestemde parkeerplaatsen, is verboden, tenzij daarvoor schriftelijke toestemming is verleend door de exploitant.
3. Het is verboden om elders dan op de daartoe door de exploitant aangewezen plaatsen, goederen over te laden, te reinigen of te repareren.
4. Zonder toestemming van de exploitant is het gebruik van voertuigen in gebouwen verboden.
5. In geval van overtreding van het onder het eerste, tweede, derde of vierde lid, dan wel wanneer de goede orde of veiligheid zulks vereisen, kan het betreffende voertuig door of vanwege de exploitant worden verplaatst naar een daartoe door hem aangewezen terreingedeelte.