BWBR0013810
Geldig vanaf 2002-07-01
Artikel 11
Vrijstellingsregeling Wtk 1992
1. Vrijstelling van het in artikel 82, eerste lid, van de wetgenoemde verbod te bemiddelen ter zake van het aantrekken of ter beschikking verkrijgen van opvorderbare gelden, wordt verleend, voor zover het betreft de bemiddeling ten behoeve van een kredietinstelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 1°, van de wetdie ingevolge artikel 52, tweede lid, onderdelen a, b, c of d van de wetis ingeschreven en de bemiddelende ondernemingen of instellingen deze gelden ter beschikking verkrijgen op naam van die kredietinstelling.
2. Aan de vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, worden de volgende voorschriften verbonden:
a. de bemiddeling vindt plaats op grond van een schriftelijke overeenkomst tussen bemiddelende ondernemingen of instellingen en de ingeschreven kredietinstelling; deze overeenkomst dient ter kennis te worden gebracht van de Bank;
b. de bemiddelende ondernemingen of instellingen houden een zodanige administratie, dat daaruit blijkt dat de gelden, bedoeld in het eerste lid, op naam van de ingeschreven kredietinstelling zijn ontvangen;
c. de bemiddelende ondernemingen of instellingen geven bij de bemiddelingsactiviteiten aan voor welke ingeschreven kredietinstelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 1°, van de wet wordt bemiddeld.
2. Aan de vrijstelling, bedoeld in het eerste lid, worden de volgende voorschriften verbonden:
a. de bemiddeling vindt plaats op grond van een schriftelijke overeenkomst tussen bemiddelende ondernemingen of instellingen en de ingeschreven kredietinstelling; deze overeenkomst dient ter kennis te worden gebracht van de Bank;
b. de bemiddelende ondernemingen of instellingen houden een zodanige administratie, dat daaruit blijkt dat de gelden, bedoeld in het eerste lid, op naam van de ingeschreven kredietinstelling zijn ontvangen;
c. de bemiddelende ondernemingen of instellingen geven bij de bemiddelingsactiviteiten aan voor welke ingeschreven kredietinstelling als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel a, onder 1°, van de wet wordt bemiddeld.