BWBR0012538
Geldig vanaf 2014-12-09
Artikel 11
Regeling boorduitrusting
1. Alle vliegtuigen die vluchten uitvoeren als commercieel luchtvervoer en die zijn toegelaten voor het vervoer van meer dan 19 passagiers, zijn uitgerust met ten minste één automatische ELT of twee ELT’s van om het even welk type.
2. Alle vliegtuigen die vluchten uitvoeren als commercieel luchtvervoer en die zijn toegelaten voor het vervoer van meer dan 19 passagiers, voor welk het bewijs van luchtwaardigheid is afgegeven na 1 juli 2008, zijn uitgerust met ten minste twee ELT’s waarvan er één ELT automatisch geactiveerd wordt.
3. Alle vliegtuigen die vluchten uitvoeren als commercieel luchtvervoer en die zijn toegelaten voor het vervoer van 19 passagiers of minder, zijn uitgerust met ten minste één ELT van om het even welk type.
4. Alle vliegtuigen die vluchten uitvoeren als commercieel luchtvervoer en die zijn toegelaten voor het vervoer van 19 passagiers of minder, voor welk het bewijs van luchtwaardigheid is afgegeven na 1 juli 2008, zijn uitgerust met ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt.
5. Alle vliegtuigen die vluchten uitvoeren als General Aviation, zijn uitgerust met ten minste één ELT van om het even welk type.
6. Alle vliegtuigen die vluchten uitvoeren als General Aviation, voor welk het bewijs van luchtwaardigheid is afgegeven na 1 juli 2008, zijn uitgerust met ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt.
7. Prestatie klasse 1 en 2 helikopters die vluchten uitvoeren als commercieel luchtvervoer zijn uitgerust met ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt, en ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt en één ELT(S) in een reddingsvlot of reddingsvest indien de vlucht boven water wordt uitgevoerd.
8. Prestatie klasse 3 helikopters die vluchten uitvoeren als commercieel luchtvervoer zijn uitgerust met ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt, en ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt en één ELT(S) in een reddingsvlot of reddingsvest indien de vlucht boven water wordt uitgevoerd met normale kruissnelheid op een afstand van meer dan 10 minuten vliegen vanaf land.
9. Prestatie klasse 1 en 2 helikopters die vluchten uitvoeren als General Aviation zijn uitgerust met ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt, en ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt en één ELT(S) in een reddingsvlot of reddingsvest indien de vlucht boven water wordt uitgevoerd.
10. Prestatie klasse 3 helikopters die vluchten als uitvoeren als General Aviation zijn uitgerust met ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt, en ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt en één ETL(S) in een reddingsvlot of reddingsvest indien de vlucht boven water wordt uitgevoerd met normale kruissnelheid op een afstand van meer dan 10 minuten vliegen vanaf land.
2. Alle vliegtuigen die vluchten uitvoeren als commercieel luchtvervoer en die zijn toegelaten voor het vervoer van meer dan 19 passagiers, voor welk het bewijs van luchtwaardigheid is afgegeven na 1 juli 2008, zijn uitgerust met ten minste twee ELT’s waarvan er één ELT automatisch geactiveerd wordt.
3. Alle vliegtuigen die vluchten uitvoeren als commercieel luchtvervoer en die zijn toegelaten voor het vervoer van 19 passagiers of minder, zijn uitgerust met ten minste één ELT van om het even welk type.
4. Alle vliegtuigen die vluchten uitvoeren als commercieel luchtvervoer en die zijn toegelaten voor het vervoer van 19 passagiers of minder, voor welk het bewijs van luchtwaardigheid is afgegeven na 1 juli 2008, zijn uitgerust met ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt.
5. Alle vliegtuigen die vluchten uitvoeren als General Aviation, zijn uitgerust met ten minste één ELT van om het even welk type.
6. Alle vliegtuigen die vluchten uitvoeren als General Aviation, voor welk het bewijs van luchtwaardigheid is afgegeven na 1 juli 2008, zijn uitgerust met ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt.
7. Prestatie klasse 1 en 2 helikopters die vluchten uitvoeren als commercieel luchtvervoer zijn uitgerust met ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt, en ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt en één ELT(S) in een reddingsvlot of reddingsvest indien de vlucht boven water wordt uitgevoerd.
8. Prestatie klasse 3 helikopters die vluchten uitvoeren als commercieel luchtvervoer zijn uitgerust met ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt, en ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt en één ELT(S) in een reddingsvlot of reddingsvest indien de vlucht boven water wordt uitgevoerd met normale kruissnelheid op een afstand van meer dan 10 minuten vliegen vanaf land.
9. Prestatie klasse 1 en 2 helikopters die vluchten uitvoeren als General Aviation zijn uitgerust met ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt, en ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt en één ELT(S) in een reddingsvlot of reddingsvest indien de vlucht boven water wordt uitgevoerd.
10. Prestatie klasse 3 helikopters die vluchten als uitvoeren als General Aviation zijn uitgerust met ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt, en ten minste één ELT die automatisch geactiveerd wordt en één ETL(S) in een reddingsvlot of reddingsvest indien de vlucht boven water wordt uitgevoerd met normale kruissnelheid op een afstand van meer dan 10 minuten vliegen vanaf land.