BWBR0012019
Geldig vanaf 2009-12-03
Artikel 70
Scheepsafvalstoffenbesluit Rijn- en binnenvaart
1. De afzender is jegens de ontvanger en de vervoerder verplicht ter zake van het laden van een schip de in de artikelen 41, eerste lid, en 61bedoelde maatregelen te treffen.
2. De afzender is jegens de ontvanger en de vervoerder verplicht ter zake van het lossen van vloeibare lading van of uit een schip
a. de in de artikelen 41, tweede lid, en 43 bedoelde maatregelen te treffen;
b. de in de artikelen 45 en 47 bedoelde maatregelen te treffen, voor zover het betreft de wasverplichting en het daarbij ontstane waswater, indien het schip goederen heeft vervoerd waarvan de ladingrestanten overeenkomstig de losstandaarden en afgifte- en innamevoorschriften van aanhangsel III bij de Uitvoeringsregeling niet met het waswater in het water geloosd mogen worden;
c. de in de artikelen 45 en 47 bedoelde maatregelen te treffen, voor zover het betreft de ontgassingsverplichting en de daarbij ontstane dampen, indien uit de laatst afgegeven losverklaring blijkt dat het laadruim, onderscheidenlijk de ladingtank, na de vorige lossing ontgast is, en
d. de kosten te dragen van inname van het onder b bedoelde waswater of de onder c bedoelde dampen door een ontvangstvoorziening, alsmede voor wachttijden en omwegen die zijn ontstaan als gevolg van de toepassing van de onder a en b bedoelde maatregelen.
2. De afzender is jegens de ontvanger en de vervoerder verplicht ter zake van het lossen van vloeibare lading van of uit een schip
a. de in de artikelen 41, tweede lid, en 43 bedoelde maatregelen te treffen;
b. de in de artikelen 45 en 47 bedoelde maatregelen te treffen, voor zover het betreft de wasverplichting en het daarbij ontstane waswater, indien het schip goederen heeft vervoerd waarvan de ladingrestanten overeenkomstig de losstandaarden en afgifte- en innamevoorschriften van aanhangsel III bij de Uitvoeringsregeling niet met het waswater in het water geloosd mogen worden;
c. de in de artikelen 45 en 47 bedoelde maatregelen te treffen, voor zover het betreft de ontgassingsverplichting en de daarbij ontstane dampen, indien uit de laatst afgegeven losverklaring blijkt dat het laadruim, onderscheidenlijk de ladingtank, na de vorige lossing ontgast is, en
d. de kosten te dragen van inname van het onder b bedoelde waswater of de onder c bedoelde dampen door een ontvangstvoorziening, alsmede voor wachttijden en omwegen die zijn ontstaan als gevolg van de toepassing van de onder a en b bedoelde maatregelen.