BWBR0012019
Geldig vanaf 2009-12-03
Artikel 68
Scheepsafvalstoffenbesluit Rijn- en binnenvaart
1. Het in ontvangst nemen van afvalwater dat ladingrestanten bevat wordt bevestigd door invulling en ondertekening van de daartoe bestemde rubrieken van de ingevolge artikel 66voorgelegde losverklaring in tweevoud voorgelegde verklaringen. De ontvangstvoorziening bezorgt na ondertekening een exemplaar van de ondertekende losverklaring terug aan de schipper.
2. Indien het schip, overeenkomstig artikel 47, tweede lid, naar een ontvangstvoorziening voor het ontgassen is doorverwezen bevestigt de exploitant van deze voorziening de ontgassing van het schip in de losverklaring.
3. De exploitant van de ontvangstvoorziening voor het ontgassen dient een kopie van de door hem en de schipper ingevulde en ondertekende losverklaring gedurende ten minste zes maanden na afgifte in zijn bedrijfsadministratie te bewaren.
4. Degene die de ontvangstvoorziening exploiteert als bedoeld in artikel 67bewaart een exemplaar van de door hem, de ladingontvanger of de overslaginstallatie, en de schipper ingevulde en ondertekende losverklaring gedurende ten minste zes maanden na afgifte in zijn administratie.
5. De schipper bewaart de van de ontvangstvoorziening terugontvangen ondertekende losverklaring gedurende ten minste zes maanden aan boord.
6. De exploitant van het schip bewaart de van de ontvangstvoorziening terugontvangen ondertekende losverklaring in zijn bedrijfsadministratie.
2. Indien het schip, overeenkomstig artikel 47, tweede lid, naar een ontvangstvoorziening voor het ontgassen is doorverwezen bevestigt de exploitant van deze voorziening de ontgassing van het schip in de losverklaring.
3. De exploitant van de ontvangstvoorziening voor het ontgassen dient een kopie van de door hem en de schipper ingevulde en ondertekende losverklaring gedurende ten minste zes maanden na afgifte in zijn bedrijfsadministratie te bewaren.
4. Degene die de ontvangstvoorziening exploiteert als bedoeld in artikel 67bewaart een exemplaar van de door hem, de ladingontvanger of de overslaginstallatie, en de schipper ingevulde en ondertekende losverklaring gedurende ten minste zes maanden na afgifte in zijn administratie.
5. De schipper bewaart de van de ontvangstvoorziening terugontvangen ondertekende losverklaring gedurende ten minste zes maanden aan boord.
6. De exploitant van het schip bewaart de van de ontvangstvoorziening terugontvangen ondertekende losverklaring in zijn bedrijfsadministratie.