BWBR0012019
Geldig vanaf 2009-12-03
Artikel 21
Scheepsafvalstoffenbesluit Rijn- en binnenvaart
1. De leverancier biedt aan de eigenaar van het schip namens het nationaal instituut de mogelijkheid de verschuldigde afvalbeheerbijdrage te betalen overeenkomstig de in het tweede en derde lid bepaalde procedure in het geval dat:
a. de schipper niet over de ED-kaart beschikt;
b. het tegoed negatief is en het nationaal instituut die de ED-kaart heeft verstrekt gebruik bij negatief saldo niet toestaat, of
c. het gebruik van de ED-kaart als gevolg van een storing niet mogelijk is.
2. De schipper vult in drievoud in namens de eigenaar van het schip:
a. een schuldbekentenis tot betaling van de verschuldigde afvalbeheerbijdrage in het geval van het eerste lid, onderdeel a, of
b. een machtiging tot incasso van de verschuldigde afvalbeheerbijdrage in het geval van het eerste lid, onderdeel b of c.
3. Na vermelding van het verstrekte aantal liters gasolie door de leverancier in de schuldbekentenis respectievelijk de machtiging, ondertekent de schipper namens de eigenaar van het schip dit document.
4. De eigenaar van het schip stort binnen een periode van twee weken na de dag van bunkering een bedrag op de rekening bij het nationaal instituut teneinde de schuld respectievelijk het eventuele tekort op te heffen.
5. De leverancier zendt de ondertekende schuldbekentenis of machtiging onverwijld aan het nationaal instituut.
a. de schipper niet over de ED-kaart beschikt;
b. het tegoed negatief is en het nationaal instituut die de ED-kaart heeft verstrekt gebruik bij negatief saldo niet toestaat, of
c. het gebruik van de ED-kaart als gevolg van een storing niet mogelijk is.
2. De schipper vult in drievoud in namens de eigenaar van het schip:
a. een schuldbekentenis tot betaling van de verschuldigde afvalbeheerbijdrage in het geval van het eerste lid, onderdeel a, of
b. een machtiging tot incasso van de verschuldigde afvalbeheerbijdrage in het geval van het eerste lid, onderdeel b of c.
3. Na vermelding van het verstrekte aantal liters gasolie door de leverancier in de schuldbekentenis respectievelijk de machtiging, ondertekent de schipper namens de eigenaar van het schip dit document.
4. De eigenaar van het schip stort binnen een periode van twee weken na de dag van bunkering een bedrag op de rekening bij het nationaal instituut teneinde de schuld respectievelijk het eventuele tekort op te heffen.
5. De leverancier zendt de ondertekende schuldbekentenis of machtiging onverwijld aan het nationaal instituut.