BWBR0011756
Geldig vanaf 2019-04-03
Artikel 13
Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen
1. Een plaatsing als bedoeld in artikel 12, tweede lid, geschiedt voordat de termijn van de maatregel drie maanden is verstreken.
2. Indien de plaatsing niet binnen de in het eerste lid gestelde termijn mogelijk is, kan Onze Minister deze termijn telkens met drie maanden verlengen.
3. Met een beslissing tot verlenging als bedoeld in het tweede lid wordt gelijk gesteld de weigering om binnen de in het eerste lid genoemde termijn te beslissen.
2. Indien de plaatsing niet binnen de in het eerste lid gestelde termijn mogelijk is, kan Onze Minister deze termijn telkens met drie maanden verlengen.
3. Met een beslissing tot verlenging als bedoeld in het tweede lid wordt gelijk gesteld de weigering om binnen de in het eerste lid genoemde termijn te beslissen.