BWBR0010686
Geldig vanaf 2004-02-24
Artikel 20
Regeling geneeskundige instanties, geneeskundigen en medische verklaringen voor de luchtvaart
1. Als een houdster van een medische verklaring constateert, dat zij zwanger is, meldt zij dit onverwijld aan een geautoriseerde geneeskundige instantie of geautoriseerde geneeskundige.
2. De geautoriseerde geneeskundige instantie of geautoriseerde geneeskundige vormt zich een oordeel, in het licht van de relevante medische eisen, keuringsmethoden en procedures bedoeld in artikel 13, eerste lid, en bijlage 2, tweede paragraaf, in hoeverre, voor welke periode en onder welke voorwaarden de gezondheidstoestand van de houder van de medische verklaring nog zodanig is, dat deze in staat is de werkzaamheden, waarvoor haar een bewijs van bevoegdheid is verstrekt, te verrichten.
3. De geautoriseerde geneeskundige instantie of geautoriseerde geneeskundige meldt het oordeel onverwijld gemotiveerd aan de minister en aan de houder van de medische verklaring. De motivering bevat in ieder geval een verwijzing naar de relevante medische eisen, keuringsmethoden en procedures bedoeld in artikel 13, eerste lid, en bijlage 2, tweede paragraaf.
2. De geautoriseerde geneeskundige instantie of geautoriseerde geneeskundige vormt zich een oordeel, in het licht van de relevante medische eisen, keuringsmethoden en procedures bedoeld in artikel 13, eerste lid, en bijlage 2, tweede paragraaf, in hoeverre, voor welke periode en onder welke voorwaarden de gezondheidstoestand van de houder van de medische verklaring nog zodanig is, dat deze in staat is de werkzaamheden, waarvoor haar een bewijs van bevoegdheid is verstrekt, te verrichten.
3. De geautoriseerde geneeskundige instantie of geautoriseerde geneeskundige meldt het oordeel onverwijld gemotiveerd aan de minister en aan de houder van de medische verklaring. De motivering bevat in ieder geval een verwijzing naar de relevante medische eisen, keuringsmethoden en procedures bedoeld in artikel 13, eerste lid, en bijlage 2, tweede paragraaf.