BWBR0010278
Geldig vanaf 1999-02-24
Artikel 15
Regeling milieugerichte technologie 1999
1. Het Subsidieprogramma Reductie luchtemissies bedrijven 1999 heeft als doel het bevorderen, ontwikkelen en toepassen van grensverleggende technieken ter vermindering van de luchtverontreinigende emissies van bedrijfsprocesssen, en van categorieën van verbrandingsinstallaties die door de aard en omvang van hun emissies van belang zijn.
2. Een project komt voor subsidie in aanmerking, indien het betreft:
a. een haalbaarheidsproject of onderzoeks- of ontwikkelingsproject op het gebied van conversie van biomassa in energie, gericht op een optimalisatie van de NOx-reductie naar een ontwerpniveau van ten minste 70 mg/m3;
b. een kennisoverdrachtsproject op het gebied van conversie van biomassa in energie, die betrekking heeft op het overdragen van kennis en informatie omtrent de wijze waarop emissiemetingen moeten worden verricht in combinatie met de wijze waarop een massa- en energiebalans moet worden opgesteld;
c. een haalbaarheidsproject of onderzoeks- of ontwikkelingsproject op het gebied van de reductie van broeikasgassen bij stationaire industriële bronnen, of een praktijkexperiment, al dan niet in combinatie met NOx-reducerende technieken, op het gebied van de reductie van broeikasgassen bij stationaire industriële bronnen, en 1º. het project gericht is op een reductie van het desbetreffende broeikasgas bij toepassing op nationaal niveau van ten minste 0,1 megaton koolstofdioxide-equivalent per jaar, en
2º. de reductie van het desbetreffende broeikasgas is gebaseerd op een reductie van ten minste 70% als ontwerpwaarde
1º. het project gericht is op een reductie van het desbetreffende broeikasgas bij toepassing op nationaal niveau van ten minste 0,1 megaton koolstofdioxide-equivalent per jaar, en
2º. de reductie van het desbetreffende broeikasgas is gebaseerd op een reductie van ten minste 70% als ontwerpwaarde
d. een haalbaarheidsproject op het gebied van NOx-reductie door toepassing van selectieve katalytische reductietechnieken en selectieve niet-katalytische reductietechnieken op het gebied van verbrandings- en procesemissies, in het kader waarvan de haalbaarheid van de desbetreffende technieken wordt geanalyseerd en beoordeeld met betrekking tot een nog aan te vangen project als bedoeld in onderdeel f of g;
e. een praktijkexperiment op het gebied van biologische NOx-reductie, die leidt tot een NOx-reductie, gebaseerd op een ontwerpwaarde van ten minste 70%;
f. een demonstratieproject op het gebied van NOx-reductie bij verbrandings- of procesinstallaties: 1º. die betrekking heeft op: ketels voor het opwekken van stoom of fornuizen voor industriële processen waarbij de stookcapaciteit van de ketels en van de fornuizen meer dan 10 MWth bedraagt;
gasturbine-installaties met een asvermogen groter dan 1 MW, of
procesemissies van installaties met een afgasdebiet van meer dan 10.000 m3/uur, en
ketels voor het opwekken van stoom of fornuizen voor industriële processen waarbij de stookcapaciteit van de ketels en van de fornuizen meer dan 10 MWth bedraagt;
gasturbine-installaties met een asvermogen groter dan 1 MW, of
procesemissies van installaties met een afgasdebiet van meer dan 10.000 m3/uur, en
2º. waarbij door toepassing van: selectieve katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 80% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd;
selectieve niet-katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 60% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd;
selectieve katalytische reductietechnieken in combinatie met selectieve niet-katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 85% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd, of
geavanceerde verbrandingstechnieken bij gasturbine-installaties, waarvan het asvermogen van de gasturbine niet meer bedraagt dan 10 MW, een NOx-restemissie van ten hoogste 20 g/GJ als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd, of
selectieve katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 80% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd;
selectieve niet-katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 60% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd;
selectieve katalytische reductietechnieken in combinatie met selectieve niet-katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 85% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd, of
geavanceerde verbrandingstechnieken bij gasturbine-installaties, waarvan het asvermogen van de gasturbine niet meer bedraagt dan 10 MW, een NOx-restemissie van ten hoogste 20 g/GJ als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd, of
1º. die betrekking heeft op: ketels voor het opwekken van stoom of fornuizen voor industriële processen waarbij de stookcapaciteit van de ketels en van de fornuizen meer dan 10 MWth bedraagt;
gasturbine-installaties met een asvermogen groter dan 1 MW, of
procesemissies van installaties met een afgasdebiet van meer dan 10.000 m3/uur, en
ketels voor het opwekken van stoom of fornuizen voor industriële processen waarbij de stookcapaciteit van de ketels en van de fornuizen meer dan 10 MWth bedraagt;
gasturbine-installaties met een asvermogen groter dan 1 MW, of
procesemissies van installaties met een afgasdebiet van meer dan 10.000 m3/uur, en
2º. waarbij door toepassing van: selectieve katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 80% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd;
selectieve niet-katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 60% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd;
selectieve katalytische reductietechnieken in combinatie met selectieve niet-katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 85% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd, of
geavanceerde verbrandingstechnieken bij gasturbine-installaties, waarvan het asvermogen van de gasturbine niet meer bedraagt dan 10 MW, een NOx-restemissie van ten hoogste 20 g/GJ als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd, of
selectieve katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 80% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd;
selectieve niet-katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 60% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd;
selectieve katalytische reductietechnieken in combinatie met selectieve niet-katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 85% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd, of
geavanceerde verbrandingstechnieken bij gasturbine-installaties, waarvan het asvermogen van de gasturbine niet meer bedraagt dan 10 MW, een NOx-restemissie van ten hoogste 20 g/GJ als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd, of
g. een marktintroductieproject op het gebied van NOx-reductie bij verbrandings- of procesinstallaties, die betrekking heeft op: 1º. ketels voor het opwekken van stoom of fornuizen voor industriële processen waarbij de stookcapaciteit van de ketels en van de fornuizen meer dan 10 MWth bedraagt en waarbij door toepassing van selectieve katalytische reductietechnieken bij representatieve bedrijfscondities een NOx-reductie van ten minste 80%, en een restemissie van NOx-equivalenten van ten hoogste 50 mg/m3 voor gasstook of 100 mg/m3 voor vloeibare en vaste brandstoffen wordt gerealiseerd;
2º. gasturbine-installaties met een asvermogen groter dan 1 MW waarbij door toepassing van selectieve katalytische reductietechnieken bij representatieve bedrijfscondities een restemissie van NOx-equivalenten van ten hoogste 20 g/GJ wordt gerealiseerd, of
3º. procesemissies van installaties met een afgasdebiet van meer dan 10.000 m3/uur waarbij een NOx-reductie van ten minste 80% wordt gerealiseerd.
1º. ketels voor het opwekken van stoom of fornuizen voor industriële processen waarbij de stookcapaciteit van de ketels en van de fornuizen meer dan 10 MWth bedraagt en waarbij door toepassing van selectieve katalytische reductietechnieken bij representatieve bedrijfscondities een NOx-reductie van ten minste 80%, en een restemissie van NOx-equivalenten van ten hoogste 50 mg/m3 voor gasstook of 100 mg/m3 voor vloeibare en vaste brandstoffen wordt gerealiseerd;
2º. gasturbine-installaties met een asvermogen groter dan 1 MW waarbij door toepassing van selectieve katalytische reductietechnieken bij representatieve bedrijfscondities een restemissie van NOx-equivalenten van ten hoogste 20 g/GJ wordt gerealiseerd, of
3º. procesemissies van installaties met een afgasdebiet van meer dan 10.000 m3/uur waarbij een NOx-reductie van ten minste 80% wordt gerealiseerd.
2. Een project komt voor subsidie in aanmerking, indien het betreft:
a. een haalbaarheidsproject of onderzoeks- of ontwikkelingsproject op het gebied van conversie van biomassa in energie, gericht op een optimalisatie van de NOx-reductie naar een ontwerpniveau van ten minste 70 mg/m3;
b. een kennisoverdrachtsproject op het gebied van conversie van biomassa in energie, die betrekking heeft op het overdragen van kennis en informatie omtrent de wijze waarop emissiemetingen moeten worden verricht in combinatie met de wijze waarop een massa- en energiebalans moet worden opgesteld;
c. een haalbaarheidsproject of onderzoeks- of ontwikkelingsproject op het gebied van de reductie van broeikasgassen bij stationaire industriële bronnen, of een praktijkexperiment, al dan niet in combinatie met NOx-reducerende technieken, op het gebied van de reductie van broeikasgassen bij stationaire industriële bronnen, en 1º. het project gericht is op een reductie van het desbetreffende broeikasgas bij toepassing op nationaal niveau van ten minste 0,1 megaton koolstofdioxide-equivalent per jaar, en
2º. de reductie van het desbetreffende broeikasgas is gebaseerd op een reductie van ten minste 70% als ontwerpwaarde
1º. het project gericht is op een reductie van het desbetreffende broeikasgas bij toepassing op nationaal niveau van ten minste 0,1 megaton koolstofdioxide-equivalent per jaar, en
2º. de reductie van het desbetreffende broeikasgas is gebaseerd op een reductie van ten minste 70% als ontwerpwaarde
d. een haalbaarheidsproject op het gebied van NOx-reductie door toepassing van selectieve katalytische reductietechnieken en selectieve niet-katalytische reductietechnieken op het gebied van verbrandings- en procesemissies, in het kader waarvan de haalbaarheid van de desbetreffende technieken wordt geanalyseerd en beoordeeld met betrekking tot een nog aan te vangen project als bedoeld in onderdeel f of g;
e. een praktijkexperiment op het gebied van biologische NOx-reductie, die leidt tot een NOx-reductie, gebaseerd op een ontwerpwaarde van ten minste 70%;
f. een demonstratieproject op het gebied van NOx-reductie bij verbrandings- of procesinstallaties: 1º. die betrekking heeft op: ketels voor het opwekken van stoom of fornuizen voor industriële processen waarbij de stookcapaciteit van de ketels en van de fornuizen meer dan 10 MWth bedraagt;
gasturbine-installaties met een asvermogen groter dan 1 MW, of
procesemissies van installaties met een afgasdebiet van meer dan 10.000 m3/uur, en
ketels voor het opwekken van stoom of fornuizen voor industriële processen waarbij de stookcapaciteit van de ketels en van de fornuizen meer dan 10 MWth bedraagt;
gasturbine-installaties met een asvermogen groter dan 1 MW, of
procesemissies van installaties met een afgasdebiet van meer dan 10.000 m3/uur, en
2º. waarbij door toepassing van: selectieve katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 80% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd;
selectieve niet-katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 60% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd;
selectieve katalytische reductietechnieken in combinatie met selectieve niet-katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 85% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd, of
geavanceerde verbrandingstechnieken bij gasturbine-installaties, waarvan het asvermogen van de gasturbine niet meer bedraagt dan 10 MW, een NOx-restemissie van ten hoogste 20 g/GJ als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd, of
selectieve katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 80% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd;
selectieve niet-katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 60% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd;
selectieve katalytische reductietechnieken in combinatie met selectieve niet-katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 85% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd, of
geavanceerde verbrandingstechnieken bij gasturbine-installaties, waarvan het asvermogen van de gasturbine niet meer bedraagt dan 10 MW, een NOx-restemissie van ten hoogste 20 g/GJ als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd, of
1º. die betrekking heeft op: ketels voor het opwekken van stoom of fornuizen voor industriële processen waarbij de stookcapaciteit van de ketels en van de fornuizen meer dan 10 MWth bedraagt;
gasturbine-installaties met een asvermogen groter dan 1 MW, of
procesemissies van installaties met een afgasdebiet van meer dan 10.000 m3/uur, en
ketels voor het opwekken van stoom of fornuizen voor industriële processen waarbij de stookcapaciteit van de ketels en van de fornuizen meer dan 10 MWth bedraagt;
gasturbine-installaties met een asvermogen groter dan 1 MW, of
procesemissies van installaties met een afgasdebiet van meer dan 10.000 m3/uur, en
2º. waarbij door toepassing van: selectieve katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 80% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd;
selectieve niet-katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 60% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd;
selectieve katalytische reductietechnieken in combinatie met selectieve niet-katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 85% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd, of
geavanceerde verbrandingstechnieken bij gasturbine-installaties, waarvan het asvermogen van de gasturbine niet meer bedraagt dan 10 MW, een NOx-restemissie van ten hoogste 20 g/GJ als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd, of
selectieve katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 80% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd;
selectieve niet-katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 60% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd;
selectieve katalytische reductietechnieken in combinatie met selectieve niet-katalytische reductietechnieken bij de desbetreffende ketels, fornuizen of installaties een NOx-reductie van ten minste 85% als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd, of
geavanceerde verbrandingstechnieken bij gasturbine-installaties, waarvan het asvermogen van de gasturbine niet meer bedraagt dan 10 MW, een NOx-restemissie van ten hoogste 20 g/GJ als ontwerpwaarde bij representatieve bedrijfscondities wordt gerealiseerd, of
g. een marktintroductieproject op het gebied van NOx-reductie bij verbrandings- of procesinstallaties, die betrekking heeft op: 1º. ketels voor het opwekken van stoom of fornuizen voor industriële processen waarbij de stookcapaciteit van de ketels en van de fornuizen meer dan 10 MWth bedraagt en waarbij door toepassing van selectieve katalytische reductietechnieken bij representatieve bedrijfscondities een NOx-reductie van ten minste 80%, en een restemissie van NOx-equivalenten van ten hoogste 50 mg/m3 voor gasstook of 100 mg/m3 voor vloeibare en vaste brandstoffen wordt gerealiseerd;
2º. gasturbine-installaties met een asvermogen groter dan 1 MW waarbij door toepassing van selectieve katalytische reductietechnieken bij representatieve bedrijfscondities een restemissie van NOx-equivalenten van ten hoogste 20 g/GJ wordt gerealiseerd, of
3º. procesemissies van installaties met een afgasdebiet van meer dan 10.000 m3/uur waarbij een NOx-reductie van ten minste 80% wordt gerealiseerd.
1º. ketels voor het opwekken van stoom of fornuizen voor industriële processen waarbij de stookcapaciteit van de ketels en van de fornuizen meer dan 10 MWth bedraagt en waarbij door toepassing van selectieve katalytische reductietechnieken bij representatieve bedrijfscondities een NOx-reductie van ten minste 80%, en een restemissie van NOx-equivalenten van ten hoogste 50 mg/m3 voor gasstook of 100 mg/m3 voor vloeibare en vaste brandstoffen wordt gerealiseerd;
2º. gasturbine-installaties met een asvermogen groter dan 1 MW waarbij door toepassing van selectieve katalytische reductietechnieken bij representatieve bedrijfscondities een restemissie van NOx-equivalenten van ten hoogste 20 g/GJ wordt gerealiseerd, of
3º. procesemissies van installaties met een afgasdebiet van meer dan 10.000 m3/uur waarbij een NOx-reductie van ten minste 80% wordt gerealiseerd.