BWBR0010065
Geldig vanaf 1999-01-26
Artikel 13
Besluit milieusubsidies
1. Zolang geen aanvraag tot subsidievaststelling als bedoeld in artikel 14, eerste lid, is ingediend, dient de subsidie-ontvanger tenminste één maal per jaar doch uiterlijk op een door Onze Minister te bepalen tijdstip, in:
a. een geactualiseerd overzicht van de activiteit waarvoor subsidie is verleend;
b. een weergave van de stand van zaken tot dusverre, met inbegrip van de gemaakte kosten en de besteding van de verleende voorschotten;
c. indien de gemaakte kosten naar verwachting 10 procent of meer afwijken van de begrotingspost: een toelichting daarop, en
d. voor zover nog voorschotten worden verleend: 1°. een bijgestelde tijdplanning, of
2°. een raming van de liquiditeitsbehoefte gedurende het komende jaar.
1°. een bijgestelde tijdplanning, of
2°. een raming van de liquiditeitsbehoefte gedurende het komende jaar.
2. De indeling en de mate van detaillering van de te verstrekken gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a, b en c, moeten in overeenstemming zijn met de aanvraag op basis waarvan subsidie is verleend.
a. een geactualiseerd overzicht van de activiteit waarvoor subsidie is verleend;
b. een weergave van de stand van zaken tot dusverre, met inbegrip van de gemaakte kosten en de besteding van de verleende voorschotten;
c. indien de gemaakte kosten naar verwachting 10 procent of meer afwijken van de begrotingspost: een toelichting daarop, en
d. voor zover nog voorschotten worden verleend: 1°. een bijgestelde tijdplanning, of
2°. een raming van de liquiditeitsbehoefte gedurende het komende jaar.
1°. een bijgestelde tijdplanning, of
2°. een raming van de liquiditeitsbehoefte gedurende het komende jaar.
2. De indeling en de mate van detaillering van de te verstrekken gegevens, bedoeld in het eerste lid, onderdelen a, b en c, moeten in overeenstemming zijn met de aanvraag op basis waarvan subsidie is verleend.