BWBR0010065
Geldig vanaf 1999-01-26
Artikel 11
Besluit milieusubsidies
1. Subsidie wordt slechts op aanvraag verstrekt.
2. Bij de aanvraag tot subsidieverlening worden tenminste de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
a. een overzicht van de activiteit waarvoor subsidie wordt gevraagd;
b. een stuk waarin wordt toegelicht dat aan de doelstellingen van het betrokken programma kan worden voldaan en de activiteit derhalve voor subsidiëring in aanmerking komt;
c. een gespecificeerde begroting, waaruit tenminste blijkt: 1°. dat de kosten waarvoor subsidie wordt gevraagd geen winstopslag ten behoeve van de subsidie-ontvanger bevatten;
2°. voor welke activiteit en welke kosten uit anderen hoofde dan het betrokken programma subsidie vanwege het Rijk of de Commissie wordt of is aangevraagd, dan wel is verstrekt;
3°. hoe hoog de totale kosten van de te subsidiëren activiteit zijn;
1°. dat de kosten waarvoor subsidie wordt gevraagd geen winstopslag ten behoeve van de subsidie-ontvanger bevatten;
2°. voor welke activiteit en welke kosten uit anderen hoofde dan het betrokken programma subsidie vanwege het Rijk of de Commissie wordt of is aangevraagd, dan wel is verstrekt;
3°. hoe hoog de totale kosten van de te subsidiëren activiteit zijn;
d. een tijdplanning van de activiteit;
e. indien voorschotten worden aangevraagd aan de hand van de individuele liquiditeitsbehoefte, bedoeld in artikel 12, derde lid: de liquiditeitsbehoefte gedurende het tijdvak waarvoor subsidie wordt gevraagd, zo mogelijk weergegeven per tijdvak van drie maanden;
f. het bankrekeningnummer waarop het subsidiebedrag dient te worden gestort;
g. indien van toepassing: het inschrijfnummer van de aanvrager bij de Kamer van Koophandel, en
h. indien de aanvraag wordt ingediend als met de betrokken activiteit reeds is begonnen, tevens: 1°. een weergave van de stand van zaken tot dusverre, en
2°. een toelichting op de reden waarom de aanvraag niet voor het begin van de activiteit is ingediend.
1°. een weergave van de stand van zaken tot dusverre, en
2°. een toelichting op de reden waarom de aanvraag niet voor het begin van de activiteit is ingediend.
3. Onze Minister bevestigt de ontvangst van de aanvraag schriftelijk.
4. Aanvragen die betrekking hebben op dezelfde activiteit, worden bij de toepassing van dit besluit als één aanvraag aangemerkt.
2. Bij de aanvraag tot subsidieverlening worden tenminste de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:
a. een overzicht van de activiteit waarvoor subsidie wordt gevraagd;
b. een stuk waarin wordt toegelicht dat aan de doelstellingen van het betrokken programma kan worden voldaan en de activiteit derhalve voor subsidiëring in aanmerking komt;
c. een gespecificeerde begroting, waaruit tenminste blijkt: 1°. dat de kosten waarvoor subsidie wordt gevraagd geen winstopslag ten behoeve van de subsidie-ontvanger bevatten;
2°. voor welke activiteit en welke kosten uit anderen hoofde dan het betrokken programma subsidie vanwege het Rijk of de Commissie wordt of is aangevraagd, dan wel is verstrekt;
3°. hoe hoog de totale kosten van de te subsidiëren activiteit zijn;
1°. dat de kosten waarvoor subsidie wordt gevraagd geen winstopslag ten behoeve van de subsidie-ontvanger bevatten;
2°. voor welke activiteit en welke kosten uit anderen hoofde dan het betrokken programma subsidie vanwege het Rijk of de Commissie wordt of is aangevraagd, dan wel is verstrekt;
3°. hoe hoog de totale kosten van de te subsidiëren activiteit zijn;
d. een tijdplanning van de activiteit;
e. indien voorschotten worden aangevraagd aan de hand van de individuele liquiditeitsbehoefte, bedoeld in artikel 12, derde lid: de liquiditeitsbehoefte gedurende het tijdvak waarvoor subsidie wordt gevraagd, zo mogelijk weergegeven per tijdvak van drie maanden;
f. het bankrekeningnummer waarop het subsidiebedrag dient te worden gestort;
g. indien van toepassing: het inschrijfnummer van de aanvrager bij de Kamer van Koophandel, en
h. indien de aanvraag wordt ingediend als met de betrokken activiteit reeds is begonnen, tevens: 1°. een weergave van de stand van zaken tot dusverre, en
2°. een toelichting op de reden waarom de aanvraag niet voor het begin van de activiteit is ingediend.
1°. een weergave van de stand van zaken tot dusverre, en
2°. een toelichting op de reden waarom de aanvraag niet voor het begin van de activiteit is ingediend.
3. Onze Minister bevestigt de ontvangst van de aanvraag schriftelijk.
4. Aanvragen die betrekking hebben op dezelfde activiteit, worden bij de toepassing van dit besluit als één aanvraag aangemerkt.