BWBR0009679
Geldig vanaf 1998-06-16
Artikel 25
Uitvoeringsregeling reclassering
1. De toelating van de medewerker tot een penitentiaire inrichting vindt plaats door de directeur van de penitentiaire inrichting en op advies en voordracht van de directeur van het hofressort waar de penitentiaire inrichting is gevestigd.
2. De directeur van het hofressort waar de penitentiaire inrichting is gevestigd, houdt rekening met het advies van de directeur van het hofressort van de woon- of verblijfplaats of van de laatste detentieplaats van de gedetineerde.
3. De directeur van het hofressort meldt de directeur van de penitentiaire inrichting de naam van de medewerker en de naam van de te bezoeken gedetineerde.
2. De directeur van het hofressort waar de penitentiaire inrichting is gevestigd, houdt rekening met het advies van de directeur van het hofressort van de woon- of verblijfplaats of van de laatste detentieplaats van de gedetineerde.
3. De directeur van het hofressort meldt de directeur van de penitentiaire inrichting de naam van de medewerker en de naam van de te bezoeken gedetineerde.