BWBR0009679
Geldig vanaf 1998-06-16
Artikel 21
Uitvoeringsregeling reclassering
1. Voor het ter beschikking stellen van goederen aan of het verrichten van diensten voor derden, voorzover het daarbij niet gaat om reclasseringswerkzaamheden, brengt de stichting een vergoeding in rekening die tenminste kostendekkend is.
2. Voor het te haren behoeve verrichten van diensten die in het algemeen door de stichting in eigen beheer worden verricht, betaalt de stichting aan een rechtspersoon die de ondersteuning van de reclasseringswerkzaamheden ten doel heeft, geen hogere vergoeding dan het bedrag dat het verrichten van de diensten in eigen beheer zou hebben gekost.
3. De stichting verstrekt desgevraagd aan de Minister een beschrijving van de tussen haar en andere rechtspersonen bestaande organisatorische en financiële banden, alsmede van zodanig nog in het leven te roepen of te wijzigen banden, voorzover deze banden van invloed kunnen zijn op de bepaling van de vergoedingen, bedoeld in het eerste lid.
2. Voor het te haren behoeve verrichten van diensten die in het algemeen door de stichting in eigen beheer worden verricht, betaalt de stichting aan een rechtspersoon die de ondersteuning van de reclasseringswerkzaamheden ten doel heeft, geen hogere vergoeding dan het bedrag dat het verrichten van de diensten in eigen beheer zou hebben gekost.
3. De stichting verstrekt desgevraagd aan de Minister een beschrijving van de tussen haar en andere rechtspersonen bestaande organisatorische en financiële banden, alsmede van zodanig nog in het leven te roepen of te wijzigen banden, voorzover deze banden van invloed kunnen zijn op de bepaling van de vergoedingen, bedoeld in het eerste lid.