BWBR0007708
Geldig vanaf 2005-06-23
Artikel 9g
Besluit toezicht effectenverkeer 1995
1. De bieder die een openbare mededeling heeft gedaan omtrent een omstandigheid als bedoeld in artikel 9b, tweede lid, onder a of b, is gehouden binnen dertig dagen na deze mededeling:
a. een openbaar bod uit te brengen dan wel in geval van een vast bod een openbare mededeling te doen die ten minste de prijs of ruilverhouding vermeldt;
b. een besluit tot het niet-uitbrengen van het bod openbaar mede te delen; of
c. onder opgave van redenen openbaar mede te delen dat niet binnen dertig dagen een bod of een besluit tot het niet-uitbrengen van het bod uitgebracht kan worden of dat geen openbare mededeling omtrent de prijs of ruilverhouding als bedoeld onder a kan worden gedaan, onder vermelding van een termijn waarop een besluit ten aanzien van het bod of een openbare mededeling omtrent de prijs of ruilverhouding verwacht kan worden.
2. De bieder deelt zijn bod mede:
a. in geval van een partieel bod door middel van een biedingsbericht, inhoudende de gegevens, bedoeld in artikel 9k. De verkrijgbaarstelling van het biedingsbericht wordt openbaar medegedeeld;
b. in geval van een tenderbod door middel van een biedingsbericht, inhoudende de gegevens, bedoeld in artikel 9m. De verkrijgbaarstelling van het biedingsbericht wordt openbaar medegedeeld.
3. Binnen zes weken na de openbare mededeling overeenkomstig het eerste lid, onder a, deelt de bieder zijn bod mede door middel van een biedingsbericht, inhoudende de gegevens, bedoeld in artikel 9i. De verkrijgbaarstelling van het biedingsbericht wordt openbaar medegedeeld.
4. De toezichthoudende autoriteit kan de in het eerste en derde lid bedoelde termijn, op verzoek van de bieder verlengen.
a. een openbaar bod uit te brengen dan wel in geval van een vast bod een openbare mededeling te doen die ten minste de prijs of ruilverhouding vermeldt;
b. een besluit tot het niet-uitbrengen van het bod openbaar mede te delen; of
c. onder opgave van redenen openbaar mede te delen dat niet binnen dertig dagen een bod of een besluit tot het niet-uitbrengen van het bod uitgebracht kan worden of dat geen openbare mededeling omtrent de prijs of ruilverhouding als bedoeld onder a kan worden gedaan, onder vermelding van een termijn waarop een besluit ten aanzien van het bod of een openbare mededeling omtrent de prijs of ruilverhouding verwacht kan worden.
2. De bieder deelt zijn bod mede:
a. in geval van een partieel bod door middel van een biedingsbericht, inhoudende de gegevens, bedoeld in artikel 9k. De verkrijgbaarstelling van het biedingsbericht wordt openbaar medegedeeld;
b. in geval van een tenderbod door middel van een biedingsbericht, inhoudende de gegevens, bedoeld in artikel 9m. De verkrijgbaarstelling van het biedingsbericht wordt openbaar medegedeeld.
3. Binnen zes weken na de openbare mededeling overeenkomstig het eerste lid, onder a, deelt de bieder zijn bod mede door middel van een biedingsbericht, inhoudende de gegevens, bedoeld in artikel 9i. De verkrijgbaarstelling van het biedingsbericht wordt openbaar medegedeeld.
4. De toezichthoudende autoriteit kan de in het eerste en derde lid bedoelde termijn, op verzoek van de bieder verlengen.