BWBR0006444
Geldig vanaf 1994-02-17
Artikel 8
Regeling subsidieplafond, verdelingsregels en aanwijzing bouwjaren met betrekking tot huisvestingsvoorzieningen b.a.o. en (v.)s.o. 1994
8.1. De ten hoogste beschikbare bedragen bedoeld in artikel 72b, eerste lid onder a 3o van de ISOVSOvoor de in de periode tussen 1 november 1994 en 1 oktober 1995 aangevraagde voorzieningen voor het schooljaar 1994/1995 en 1995/1996:
a. als genoemd in 8.2. van deze regeling f 1,25 mln (jaarvergoeding);
b. als genoemd in 8.3. van deze regeling f 2,0 mln (investering);
c. noodzakelijke vervanging als bedoeld in artikel 72b, zevende lid f 1,0 mln (jaarvergoeding).
d. voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen van scholen die gerealiseerd en gereedgemeld zijn op basis van een beschikking of die gerealiseerd worden op basis van een beschikking en waarbij de verstrekking van de bouwopdracht conform artikel IV van de Wet van 18 juni 1992 tot wijziging van de Wet op het basisonderwijs en de Interimwet op het speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs in verband met aanpassingen in de bekostigingsstelsels (Stb. 1992, 310), dan wel conform artikel 81, vijfde of zesde lid van de ISOVSO en voor 1 januari 1994 heeft plaatsgevonden, doch waarvan de beschikking is vervallen wegens het niet tijdig inzenden van de bouwopdracht.
8.2. Het in 8.1. onder a. genoemde bedrag is, voor zover artikel 11geen toepassing vindt, uitsluitend bestemd voor de volgende voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen:
a. nieuwbouw (aanvullende en zelfstandige voorziening);
b. uitbreiding;
c. ingebruikneming/huur bestaand (gebouw)gedeelte;
d. verplaatsing;
e. terrein en
f. vermeerdering klokuren voor C-lokalen.
8.3. Het in 8.1. onder b. genoemde bedrag is, voor zover artikel 11geen toepassing vindt, uitsluitend bestemd voor de volgende voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening:
g. onderwijsleerpakket en meubilair.
8.4. Bij de toewijzing van de in 8.2 genoemde voorzieningen wordt:
a. als eerste goedgekeurd de voorziening die noodzakelijk is om een tekort aan groepsruimten op te heffen. Toewijzing vindt het eerst plaats aan die school van een andere onderwijssoort dan l.o.m.-s.o., m.l.k.-s.o. en i.o.b.k., waarbij de verhouding tussen het hiervoor noodzakelijke aantal groepsruimten en de schoolgrootte de hoogste uitkomst kent. Vervolgens wordt toegewezen aan de daarop hoogste. Daarna vindt toewijzing voor l.o.m.-s.o., m.l.k.-s.o. en i.o.b.k. plaats op overeenkomstige wijze als voor de andere onderwijssoorten;
b. tenslotte goedgekeurd de voorziening die noodzakelijk is om een tekort aan klokuren op te heffen. Toewijzing vindt het eerst plaats aan die school van een andere onderwijssoort dan l.o.m.-s.o., m.l.k.-s.o. en i.o.b.k., waarbij de verhouding tussen het hiervoor noodzakelijke aantal klokuren en de huidige gebruiks-uren de hoogste uitkomst kent. Vervolgens wordt toegewezen aan de daarop hoogste. Daarna vindt toewijzing voor l.o.m.-s.o., m.l.k.-s.o. en i.o.b.k. plaats op overeenkomstige wijze als voor de andere onderwijssoorten.
8.5. Bij de toewijzing van de in 8.3. genoemde voorziening wordt:
a. voorrang gegeven aan onderwijsleerpakket en meubilair, indien het bepaalde in artikel 14 van het Huisvestingsbesluit ISOVSO dat rechtvaardigt en tevens een voorziening uit 8.4 onder a wordt toegewezen;
b. tenslotte onderwijsleerpakket en meubilair toegewezen, indien het bepaalde in artikel 14 van het Huisvestingsbesluit ISOVSO dat rechtvaardigt. Toewijzing vindt het eerst plaats aan die school, waarbij de verhouding tussen het hiervoor noodzakelijke aantal eenheden (groepen) en het aantal groepen waarvoor reeds bekostiging is verstrekt de hoogste uitkomst kent. Vervolgens wordt toegewezen aan de daarop hoogste.
8.6. De voorziening genoemd in 8.1. onder c wordt toegewezen, indien gehele of gedeeltelijke vervanging van een gebouw voldoet aan de voorwaarden in artikel 72b, zevende lid van de ISOVSO. Toewijzing vindt het eerst plaats aan een school van een andere onderwijssoort dan l.o.m.-s.o., m.l.k.-s.o. en i.o.b.k., waarbij de noodzaak van vervanging het grootst is. Daarna wordt toegewezen aan de daarop volgende grootste noodzaak. Vervolgens vindt toewijzing voor l.o.m.-s.o., m.l.k.-s.o. en i.o.b.k. plaats op overeenkomstige wijze als voor de andere onderwijssoorten.
8.7. Bij de toewijzing van voorzieningen genoemd in 8.1. onder d wordt een voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening slechts goedgekeurd indien de school vanaf schooljaar 1995/1996 tenminste 4 jaar de betreffende voorziening nodig heeft en de betreffende voorziening past binnen het beleid gericht op optimaal gebruik van de bestaande gebouwencapaciteit. Als eerste wordt toegewezen de voorziening met het hoogste bedrag, voor zover er geen voorzieningen met hogere bedragen worden toegewezen op grond van artikel 6.3.
a. als genoemd in 8.2. van deze regeling f 1,25 mln (jaarvergoeding);
b. als genoemd in 8.3. van deze regeling f 2,0 mln (investering);
c. noodzakelijke vervanging als bedoeld in artikel 72b, zevende lid f 1,0 mln (jaarvergoeding).
d. voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen van scholen die gerealiseerd en gereedgemeld zijn op basis van een beschikking of die gerealiseerd worden op basis van een beschikking en waarbij de verstrekking van de bouwopdracht conform artikel IV van de Wet van 18 juni 1992 tot wijziging van de Wet op het basisonderwijs en de Interimwet op het speciaal onderwijs en voortgezet speciaal onderwijs in verband met aanpassingen in de bekostigingsstelsels (Stb. 1992, 310), dan wel conform artikel 81, vijfde of zesde lid van de ISOVSO en voor 1 januari 1994 heeft plaatsgevonden, doch waarvan de beschikking is vervallen wegens het niet tijdig inzenden van de bouwopdracht.
8.2. Het in 8.1. onder a. genoemde bedrag is, voor zover artikel 11geen toepassing vindt, uitsluitend bestemd voor de volgende voor tijdelijk gebruik bestemde voorzieningen:
a. nieuwbouw (aanvullende en zelfstandige voorziening);
b. uitbreiding;
c. ingebruikneming/huur bestaand (gebouw)gedeelte;
d. verplaatsing;
e. terrein en
f. vermeerdering klokuren voor C-lokalen.
8.3. Het in 8.1. onder b. genoemde bedrag is, voor zover artikel 11geen toepassing vindt, uitsluitend bestemd voor de volgende voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening:
g. onderwijsleerpakket en meubilair.
8.4. Bij de toewijzing van de in 8.2 genoemde voorzieningen wordt:
a. als eerste goedgekeurd de voorziening die noodzakelijk is om een tekort aan groepsruimten op te heffen. Toewijzing vindt het eerst plaats aan die school van een andere onderwijssoort dan l.o.m.-s.o., m.l.k.-s.o. en i.o.b.k., waarbij de verhouding tussen het hiervoor noodzakelijke aantal groepsruimten en de schoolgrootte de hoogste uitkomst kent. Vervolgens wordt toegewezen aan de daarop hoogste. Daarna vindt toewijzing voor l.o.m.-s.o., m.l.k.-s.o. en i.o.b.k. plaats op overeenkomstige wijze als voor de andere onderwijssoorten;
b. tenslotte goedgekeurd de voorziening die noodzakelijk is om een tekort aan klokuren op te heffen. Toewijzing vindt het eerst plaats aan die school van een andere onderwijssoort dan l.o.m.-s.o., m.l.k.-s.o. en i.o.b.k., waarbij de verhouding tussen het hiervoor noodzakelijke aantal klokuren en de huidige gebruiks-uren de hoogste uitkomst kent. Vervolgens wordt toegewezen aan de daarop hoogste. Daarna vindt toewijzing voor l.o.m.-s.o., m.l.k.-s.o. en i.o.b.k. plaats op overeenkomstige wijze als voor de andere onderwijssoorten.
8.5. Bij de toewijzing van de in 8.3. genoemde voorziening wordt:
a. voorrang gegeven aan onderwijsleerpakket en meubilair, indien het bepaalde in artikel 14 van het Huisvestingsbesluit ISOVSO dat rechtvaardigt en tevens een voorziening uit 8.4 onder a wordt toegewezen;
b. tenslotte onderwijsleerpakket en meubilair toegewezen, indien het bepaalde in artikel 14 van het Huisvestingsbesluit ISOVSO dat rechtvaardigt. Toewijzing vindt het eerst plaats aan die school, waarbij de verhouding tussen het hiervoor noodzakelijke aantal eenheden (groepen) en het aantal groepen waarvoor reeds bekostiging is verstrekt de hoogste uitkomst kent. Vervolgens wordt toegewezen aan de daarop hoogste.
8.6. De voorziening genoemd in 8.1. onder c wordt toegewezen, indien gehele of gedeeltelijke vervanging van een gebouw voldoet aan de voorwaarden in artikel 72b, zevende lid van de ISOVSO. Toewijzing vindt het eerst plaats aan een school van een andere onderwijssoort dan l.o.m.-s.o., m.l.k.-s.o. en i.o.b.k., waarbij de noodzaak van vervanging het grootst is. Daarna wordt toegewezen aan de daarop volgende grootste noodzaak. Vervolgens vindt toewijzing voor l.o.m.-s.o., m.l.k.-s.o. en i.o.b.k. plaats op overeenkomstige wijze als voor de andere onderwijssoorten.
8.7. Bij de toewijzing van voorzieningen genoemd in 8.1. onder d wordt een voor tijdelijk gebruik bestemde voorziening slechts goedgekeurd indien de school vanaf schooljaar 1995/1996 tenminste 4 jaar de betreffende voorziening nodig heeft en de betreffende voorziening past binnen het beleid gericht op optimaal gebruik van de bestaande gebouwencapaciteit. Als eerste wordt toegewezen de voorziening met het hoogste bedrag, voor zover er geen voorzieningen met hogere bedragen worden toegewezen op grond van artikel 6.3.