BWBR0006379
Geldig vanaf 2004-12-29
Artikel 13
Regeling vangstbeperking
1. Het is verboden met een vissersvaartuig haring of makreel aan te landen.
2. Van het in het eerste lid bedoelde verbod wordt vrijstelling verleend indien:
a. de haring, onderscheidenlijk de makreel, met het aanlandende vissersvaartuig is gevangen met inachtneming van de Regeling contingentering zeevis;
b. de aangelande haring onderscheidenlijk de aangelande makreel van een met naam en registratienummer genoemd schip of vissersvaartuig werd overgeladen, en het overladen van de aangelande haring overeenkomstig het bepaalde in artikel 14 is gemeld, met vermelding van het vangstgebied en de plaats van overladen, dan wel
c. de haring onderscheidenlijk de makreel in een buitenlandse haven aan boord is genomen van het aanlandende vissersvaartuig.
2. Van het in het eerste lid bedoelde verbod wordt vrijstelling verleend indien:
a. de haring, onderscheidenlijk de makreel, met het aanlandende vissersvaartuig is gevangen met inachtneming van de Regeling contingentering zeevis;
b. de aangelande haring onderscheidenlijk de aangelande makreel van een met naam en registratienummer genoemd schip of vissersvaartuig werd overgeladen, en het overladen van de aangelande haring overeenkomstig het bepaalde in artikel 14 is gemeld, met vermelding van het vangstgebied en de plaats van overladen, dan wel
c. de haring onderscheidenlijk de makreel in een buitenlandse haven aan boord is genomen van het aanlandende vissersvaartuig.