BWBR0006258
Geldig vanaf 1994-02-01
Artikel 26
Besluit in-, uit- en doorvoer van radioactieve afvalstoffen
1. Onze Minister en Onze andere Ministers beschikken afwijzend op een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 15, onder a , van de wet, ten behoeve van het buiten Nederlands grondgebied brengen van radioactieve afvalstoffen als bedoeld in artikel 21, tweede lid, naar een definitieve bestemming binnen het grondgebied van een lidstaat indien het vervoerstraject onnodige risico's voor de openbare veiligheid of het milieu meebrengt.
2. Onze Minister deelt, namens Onze andere Ministers, de afwijzende beschikking onverwijld mede aan degene die voornemens is de radioactieve afvalstoffen, bedoeld in artikel 21, tweede lid, buiten het Nederlands grondgebied te brengen en aan het bevoegd gezag van de lidstaat of lidstaten waaraan goedkeuring is verzocht. Hij kan daarbij het verzoek om goedkeuring intrekken.
3. Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3ten behoeve van het buiten Nederlands grondgebied brengen van radioactieve afvalstoffen als bedoeld in artikel 21, tweede lid, naar een definitieve bestemming binnen het grondgebied van een lidstaat.
2. Onze Minister deelt, namens Onze andere Ministers, de afwijzende beschikking onverwijld mede aan degene die voornemens is de radioactieve afvalstoffen, bedoeld in artikel 21, tweede lid, buiten het Nederlands grondgebied te brengen en aan het bevoegd gezag van de lidstaat of lidstaten waaraan goedkeuring is verzocht. Hij kan daarbij het verzoek om goedkeuring intrekken.
3. Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 3ten behoeve van het buiten Nederlands grondgebied brengen van radioactieve afvalstoffen als bedoeld in artikel 21, tweede lid, naar een definitieve bestemming binnen het grondgebied van een lidstaat.