BWBR0005307
Geldig vanaf 1992-03-15
Artikel 19
Warenwetbesluit Verduurzaamde vruchtenprodukten
1. Bij de bereiding mag uitsluitend gebruik gemaakt worden van vruchten, onderscheidenlijk kastanjes, welke voldoen aan de volgende eisen:
a. zij moeten vers, gezond en onaangetast zijn;
b. zij moeten de juiste graad van rijpheid hebben bereikt;
c. zij moeten zijn gereinigd, schoongemaakt en ontdaan van onzuiverheden;
een en ander met inachtneming van het bepaalde in de volgende leden.
2. De grondstoffen bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdelen c tot en met f, alsmede h, i en j, mogen te allen tijde de volgende behandelingen ondergaan:
a. warmte- of koudebehandeling;
b. vriesdrogen;
c. concentratie, voor zover zij daarvoor technisch geschikt zijn.
3. Gember mag worden gedroogd of in siroop worden geconserveerd.
4. Indien abrikozen worden gebruikt voor de bereiding van de in artikel 3bedoelde waar, mogen deze worden gedroogd.
5. Schillen van citrusvruchten mogen in pekel worden geconserveerd.
a. zij moeten vers, gezond en onaangetast zijn;
b. zij moeten de juiste graad van rijpheid hebben bereikt;
c. zij moeten zijn gereinigd, schoongemaakt en ontdaan van onzuiverheden;
een en ander met inachtneming van het bepaalde in de volgende leden.
2. De grondstoffen bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdelen c tot en met f, alsmede h, i en j, mogen te allen tijde de volgende behandelingen ondergaan:
a. warmte- of koudebehandeling;
b. vriesdrogen;
c. concentratie, voor zover zij daarvoor technisch geschikt zijn.
3. Gember mag worden gedroogd of in siroop worden geconserveerd.
4. Indien abrikozen worden gebruikt voor de bereiding van de in artikel 3bedoelde waar, mogen deze worden gedroogd.
5. Schillen van citrusvruchten mogen in pekel worden geconserveerd.