BWBR0005307
Geldig vanaf 1992-03-15
Artikel 14
Warenwetbesluit Verduurzaamde vruchtenprodukten
1. Onverminderd het bepaalde in artikel 4 van het Warenwetbesluit Etikettering van levensmiddelen, moet voor andere dan in de paragrafen II.1, II.2.en II.3.bedoelde verduurzaamde vruchtenprodukten tevens zijn gebezigd:
a. een aanduiding aangevende de Nederlandse benaming van de desbetreffende vruchtensoort(en), dan wel
b. de gebruikelijke benaming van de gedroogde druiven of van het geconfijte fruit, waarmee of waaruit de waar is bereid.
Indien de waar uit meerdere vruchtensoorten is bereid, dient die aanduiding te bestaan uit een opsomming van de betrokken vruchtensoorten in de volgorde van afnemend gewicht waarin zij bij de bereiding zijn gebruikt.
2. Het eerste lid is niet van toepassing indien het betreft mengsels van verduurzaamde vruchten, voor zover voor de desbetreffende waar een algemeen gebruikelijke benaming pleegt te worden gebezigd.
3. In afwijking van het eerste lid, mag voor verduurzaamde vruchtenprodukten, welke door warmte zijn verduurzaamd en zich bevinden in een opgietvloeistof, in plaats van de Nederlandse naam of namen van de betrokken vruchtensoort(en) worden gebezigd de naam of namen van de vrucht(en) in een buitenlandse taal, aangebracht in latijnse lettertekens en vergezeld van een duidelijke voorstelling van de betrokken vrucht(en).
4. Voor verduurzaamde vruchten welke door warmte zijn verduurzaamd en zich bevinden in een opgietvloeistof, moet tevens zijn gebezigd een vermelding of voorstelling waaruit blijkt in welke presentatievorm de vruchten zich in de verpakking bevinden, tenzij de waar aanwezig is in een helder doorzichtige verpakking, en er geen misverstand over de presentatievorm mogelijk is.
5. Voor zover aroma’s ingrediënt zijn van verduurzaamde vruchten welke door warmte zijn verduurzaamd en zich bevinden in een opgietvloeistof, moet in de onmiddellijke nabijheid van de aanduiding de vermelding "gearomatiseerd" worden gebezigd.
a. een aanduiding aangevende de Nederlandse benaming van de desbetreffende vruchtensoort(en), dan wel
b. de gebruikelijke benaming van de gedroogde druiven of van het geconfijte fruit, waarmee of waaruit de waar is bereid.
Indien de waar uit meerdere vruchtensoorten is bereid, dient die aanduiding te bestaan uit een opsomming van de betrokken vruchtensoorten in de volgorde van afnemend gewicht waarin zij bij de bereiding zijn gebruikt.
2. Het eerste lid is niet van toepassing indien het betreft mengsels van verduurzaamde vruchten, voor zover voor de desbetreffende waar een algemeen gebruikelijke benaming pleegt te worden gebezigd.
3. In afwijking van het eerste lid, mag voor verduurzaamde vruchtenprodukten, welke door warmte zijn verduurzaamd en zich bevinden in een opgietvloeistof, in plaats van de Nederlandse naam of namen van de betrokken vruchtensoort(en) worden gebezigd de naam of namen van de vrucht(en) in een buitenlandse taal, aangebracht in latijnse lettertekens en vergezeld van een duidelijke voorstelling van de betrokken vrucht(en).
4. Voor verduurzaamde vruchten welke door warmte zijn verduurzaamd en zich bevinden in een opgietvloeistof, moet tevens zijn gebezigd een vermelding of voorstelling waaruit blijkt in welke presentatievorm de vruchten zich in de verpakking bevinden, tenzij de waar aanwezig is in een helder doorzichtige verpakking, en er geen misverstand over de presentatievorm mogelijk is.
5. Voor zover aroma’s ingrediënt zijn van verduurzaamde vruchten welke door warmte zijn verduurzaamd en zich bevinden in een opgietvloeistof, moet in de onmiddellijke nabijheid van de aanduiding de vermelding "gearomatiseerd" worden gebezigd.