BWBR0003846
Geldig vanaf 1985-10-15
Artikel 6
Besluit nadere regelen betreffende de stemming Landinrichtingswet
1. Gedeputeerde staten bepalen de dag van de stemming.
2. De stemming vangt aan om acht uur en duurt tot negentien uur.
3. De stemgerechtigde brengt zijn stem uit in het stemlokaal van het op zijn oproeping tot de stemming vermelde stembureau.
2. De stemming vangt aan om acht uur en duurt tot negentien uur.
3. De stemgerechtigde brengt zijn stem uit in het stemlokaal van het op zijn oproeping tot de stemming vermelde stembureau.