BWBR0003846
Geldig vanaf 1985-10-15
Artikel 5
Besluit nadere regelen betreffende de stemming Landinrichtingswet
1. Burgemeester en wethouders wijzen voor elk in hun gemeente ingesteld stembureau tijdig een geschikt stemlokaal en voor het houden van de zitting van het in hun gemeente ingestelde hoofdstembureau een geschikt lokaal aan.
2. Op verzoek van burgemeester en wethouders stellen de besturen van bijzondere scholen de daarvoor in aanmerking komende lokalen en het zich daarin bevindende materiaal voor de inrichting en het gebruik als stemlokaal voor het stembureau onderscheidenlijk als zittingslokaal voor het hoofdstembureau beschikbaar, desgewenst tegen vergoeding van de daaruit voortvloeiende onkosten.
3. Burgemeester en wethouders zorgen voor de inrichting van de in het eerste lid bedoelde lokalen en wijzen zo nodig personen aan, die het stembureau, onderscheidenlijk het hoofdstembureau ten dienste worden gesteld.
2. Op verzoek van burgemeester en wethouders stellen de besturen van bijzondere scholen de daarvoor in aanmerking komende lokalen en het zich daarin bevindende materiaal voor de inrichting en het gebruik als stemlokaal voor het stembureau onderscheidenlijk als zittingslokaal voor het hoofdstembureau beschikbaar, desgewenst tegen vergoeding van de daaruit voortvloeiende onkosten.
3. Burgemeester en wethouders zorgen voor de inrichting van de in het eerste lid bedoelde lokalen en wijzen zo nodig personen aan, die het stembureau, onderscheidenlijk het hoofdstembureau ten dienste worden gesteld.