BWBR0053110
Geldig vanaf 17-09-2026
Artikel 5
Tijdelijke subsidieregeling Stimulering Duurzame Luchtvaartbrandstoffen
1. Een subsidieaanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van een door de minister beschikbaar gesteld formulier.
2. Naast het in eerste lid genoemde formulier worden bij de subsidieaanvraag bijlagen ten behoeve van de beoordeling ingediend. Het aanvraagformulier en de bijlagen vormen gezamenlijk de aanvraag.
3. Onverminderd artikel 10 van het Kaderbesluit bevat een aanvraag voor subsidie ten minste:
a. een projectplan waarin minimaal de gegevens en bescheiden bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdelen a, b en d, van het Kaderbesluit verwerkt worden;
b. een voorgestelde mijlpalenbegroting met daarin drie zelf gekozen projectmijlpalen, inclusief een omschrijving van het beoogde resultaat, een streefdatum voor het behalen van elk van de drie projectmijlpalen, en een liquiditeitsbehoefte per projectmijlpaal, in lijn met de maximale voorschotten per betalingstermijn;
c. een kennisverspreidingsplan;
d. een financieringsplan, waarin minimaal de financiering van het eigen aandeel van de aanvrager onderbouwd wordt;
e. een verklaring dat de aanvrager geen onderneming in moeilijkheden is, overeenkomstig de definitie in de Richtsnoeren inzake reddings- en herstructureringssteun, inclusief een ingevuld door de minister beschikbaar gesteld beslisschema;
f. een juridische organisatiestructuur van de groep waartoe de subsidieaanvrager behoort waaruit de aandelenverhouding of de afwijkende overwegende zeggenschap blijkt en de enkelvoudige jaarrapporten of geconsolideerde jaarrapporten van de in die groep verbonden ondernemingen die gebruikt zijn voor de invulling van het beslisschema, overeenkomstig de definitie in de Richtsnoeren inzake reddings- en herstructureringssteun;
g. een intentieverklaring voor de inkoop van grondstoffen zoals methanol, en de afzet van SAF in het geval de aanvraag betrekking heeft op de activiteiten, bedoeld in artikel 3, derde lid, onderdeel b;
h. een verklaring dat de in de productie-installatie te produceren SAF voldoen aan bijlage IX, deel A van de Richtlijn hernieuwbare energie en aan de criteria inzake duurzaamheid en broeikasgasemissiereductie, bedoeld in artikel 29 van de Richtlijn hernieuwbare energie, in het geval de aanvraag betrekking heeft op een realisatieproject voor de productie van geavanceerde bioSAF; en
i. een verklaring dat de in de productie-installatie te produceren SAF afkomstig zijn van andere hernieuwbare bronnen dan biomassa, en voldoen aan de criteria inzake duurzaamheid en broeikasgasemissiereductie, bedoeld in artikel 29 bis van de Richtlijn hernieuwbare energie, in het geval de aanvraag betrekking heeft op een realisatieproject voor de productie van e-SAF.
4. Een subsidieaanvraag als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, bedoelde activiteit voor e-SAF, kan in de eerste openstellingsronde van 2026 bij de RVO worden ingediend in de periode van 3 november 2026, 09.00 uur tot en met 24 november 2026, 17.00 uur.
5. De minister kan voor e-SAF en geavanceerde bioSAF projecten gedurende een periode van vijf jaar maximaal vijf openstellingsrondes vaststellen. Een volgende openstellingsronde wordt uitsluitend vastgesteld indien na de voorafgaande openstellingsronde voldoende van het voor deze regeling beschikbare budget resteert. De minister maakt een openstellingsronde bekend in de Staatscourant vóór de aanvang van het tijdvak waarvoor de aanvraagperioden worden vastgesteld. Een openstellingsronde vangt in ieder geval aan op de eerste werkdag van november van het betreffende jaar.
2. Naast het in eerste lid genoemde formulier worden bij de subsidieaanvraag bijlagen ten behoeve van de beoordeling ingediend. Het aanvraagformulier en de bijlagen vormen gezamenlijk de aanvraag.
3. Onverminderd artikel 10 van het Kaderbesluit bevat een aanvraag voor subsidie ten minste:
a. een projectplan waarin minimaal de gegevens en bescheiden bedoeld in artikel 10, vierde lid, onderdelen a, b en d, van het Kaderbesluit verwerkt worden;
b. een voorgestelde mijlpalenbegroting met daarin drie zelf gekozen projectmijlpalen, inclusief een omschrijving van het beoogde resultaat, een streefdatum voor het behalen van elk van de drie projectmijlpalen, en een liquiditeitsbehoefte per projectmijlpaal, in lijn met de maximale voorschotten per betalingstermijn;
c. een kennisverspreidingsplan;
d. een financieringsplan, waarin minimaal de financiering van het eigen aandeel van de aanvrager onderbouwd wordt;
e. een verklaring dat de aanvrager geen onderneming in moeilijkheden is, overeenkomstig de definitie in de Richtsnoeren inzake reddings- en herstructureringssteun, inclusief een ingevuld door de minister beschikbaar gesteld beslisschema;
f. een juridische organisatiestructuur van de groep waartoe de subsidieaanvrager behoort waaruit de aandelenverhouding of de afwijkende overwegende zeggenschap blijkt en de enkelvoudige jaarrapporten of geconsolideerde jaarrapporten van de in die groep verbonden ondernemingen die gebruikt zijn voor de invulling van het beslisschema, overeenkomstig de definitie in de Richtsnoeren inzake reddings- en herstructureringssteun;
g. een intentieverklaring voor de inkoop van grondstoffen zoals methanol, en de afzet van SAF in het geval de aanvraag betrekking heeft op de activiteiten, bedoeld in artikel 3, derde lid, onderdeel b;
h. een verklaring dat de in de productie-installatie te produceren SAF voldoen aan bijlage IX, deel A van de Richtlijn hernieuwbare energie en aan de criteria inzake duurzaamheid en broeikasgasemissiereductie, bedoeld in artikel 29 van de Richtlijn hernieuwbare energie, in het geval de aanvraag betrekking heeft op een realisatieproject voor de productie van geavanceerde bioSAF; en
i. een verklaring dat de in de productie-installatie te produceren SAF afkomstig zijn van andere hernieuwbare bronnen dan biomassa, en voldoen aan de criteria inzake duurzaamheid en broeikasgasemissiereductie, bedoeld in artikel 29 bis van de Richtlijn hernieuwbare energie, in het geval de aanvraag betrekking heeft op een realisatieproject voor de productie van e-SAF.
4. Een subsidieaanvraag als bedoeld in artikel 3, eerste lid, onderdeel a, bedoelde activiteit voor e-SAF, kan in de eerste openstellingsronde van 2026 bij de RVO worden ingediend in de periode van 3 november 2026, 09.00 uur tot en met 24 november 2026, 17.00 uur.
5. De minister kan voor e-SAF en geavanceerde bioSAF projecten gedurende een periode van vijf jaar maximaal vijf openstellingsrondes vaststellen. Een volgende openstellingsronde wordt uitsluitend vastgesteld indien na de voorafgaande openstellingsronde voldoende van het voor deze regeling beschikbare budget resteert. De minister maakt een openstellingsronde bekend in de Staatscourant vóór de aanvang van het tijdvak waarvoor de aanvraagperioden worden vastgesteld. Een openstellingsronde vangt in ieder geval aan op de eerste werkdag van november van het betreffende jaar.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0053110
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl