BWBR0050794
Geldig vanaf 2025-10-16
Artikel 3
Subsidieregeling School en Omgeving 2025–2028
1. De minister kan voor de schooljaren 2025–2026, 2026–2027 en 2027–2028 subsidie verstrekken aan een bevoegd gezag van een school met een vestiging die is opgenomen in bijlage 1 tot en met 4, als deelnemer aan een lokale coalitie voor het uitvoeren van een programma School en Omgeving, dat aansluit bij het curriculum van de desbetreffende school en ten dienste staat van een succesvolle schoolloopbaan.
2. De subsidie kan worden verstrekt voor de uitvoering van een programma School en Omgeving voor de volgende ontwikkelgebieden:
a. sport;
b. cultuur;
c. cognitieve ontwikkeling;
d. sociale ontwikkeling;
e. oriëntatie op jezelf; of
f. oriëntatie op de wereld.
3. Van het programma School en Omgeving kunnen geen deel uitmaken:
a. uren die behoren tot de onderwijstijd;
b. activiteiten die betrekking hebben op trainingen voor de eindtoets of examentraining;
c. buitenlandse reizen.
4. Op grond van deze regeling wordt geen subsidie verstrekt aan een bevoegd gezag voor een vestiging die deel uitmaakt van een lokale coalitie waarvoor middelen zijn aangevraagd door een gemeente op grond van de Regeling kansrijke wijk.
2. De subsidie kan worden verstrekt voor de uitvoering van een programma School en Omgeving voor de volgende ontwikkelgebieden:
a. sport;
b. cultuur;
c. cognitieve ontwikkeling;
d. sociale ontwikkeling;
e. oriëntatie op jezelf; of
f. oriëntatie op de wereld.
3. Van het programma School en Omgeving kunnen geen deel uitmaken:
a. uren die behoren tot de onderwijstijd;
b. activiteiten die betrekking hebben op trainingen voor de eindtoets of examentraining;
c. buitenlandse reizen.
4. Op grond van deze regeling wordt geen subsidie verstrekt aan een bevoegd gezag voor een vestiging die deel uitmaakt van een lokale coalitie waarvoor middelen zijn aangevraagd door een gemeente op grond van de Regeling kansrijke wijk.