BWBR0048465
Geldig vanaf 2023-08-01
Artikel 12
Subsidieregeling ondersteuning zelfstandig vertrek 2023
1. Ter uitvoering van de subsidiabele activiteiten van het project komen voor subsidiëring uitsluitend de volgende kostensoorten in aanmerking:
a. directe loonkosten voor zover deze berekend zijn op basis van het aantal werkelijk gerealiseerde uren tegen een individueel berekend tarief bepaald;
b. uitgaven verstrekt aan vreemdelingen en gemeenschapsonderdanen die Nederland aantoonbaar hebben verlaten;
c. reis- en verblijfskosten;
d. kosten van materieel, met inbegrip van afschrijvingskosten;
e. kosten van verbruiksgoederen, benodigdheden en algemene diensten met uitzondering van kantoorkosten;
f. kosten van onderaanneming; en
g. kosten van huur van onroerende zaken.
2. De subsidiabele kosten voor doelgroep A worden verhoogd met een opslag van maximaal 13% ter dekking van de indirecte kosten. Voor doelgroep B geldt een opslag van maximaal 9%.
3. De kosten van de door een subsidieontvanger verrichte eigen arbeid ten behoeve van het project worden, indien een berekening overeenkomstig het eerste lid, onderdeel a, niet mogelijk is, berekend door het aantal uren dat de betrokken persoon aan het project ten behoeve van deze activiteiten heeft gemaakt, te vermenigvuldigen met een vast uurtarief van € 43.
a. directe loonkosten voor zover deze berekend zijn op basis van het aantal werkelijk gerealiseerde uren tegen een individueel berekend tarief bepaald;
b. uitgaven verstrekt aan vreemdelingen en gemeenschapsonderdanen die Nederland aantoonbaar hebben verlaten;
c. reis- en verblijfskosten;
d. kosten van materieel, met inbegrip van afschrijvingskosten;
e. kosten van verbruiksgoederen, benodigdheden en algemene diensten met uitzondering van kantoorkosten;
f. kosten van onderaanneming; en
g. kosten van huur van onroerende zaken.
2. De subsidiabele kosten voor doelgroep A worden verhoogd met een opslag van maximaal 13% ter dekking van de indirecte kosten. Voor doelgroep B geldt een opslag van maximaal 9%.
3. De kosten van de door een subsidieontvanger verrichte eigen arbeid ten behoeve van het project worden, indien een berekening overeenkomstig het eerste lid, onderdeel a, niet mogelijk is, berekend door het aantal uren dat de betrokken persoon aan het project ten behoeve van deze activiteiten heeft gemaakt, te vermenigvuldigen met een vast uurtarief van € 43.