BWBR0046658
Geldig vanaf 2024-08-21
Artikel 24
Subsidieregeling AMIF, ISF en BMVI 2021–2027
1. De subsidieontvanger of de penvoerder houdt een inzichtelijke en controleerbare administratie bij met betrekking tot de uitvoering van het project en de in verband daarmee gemaakte kosten en gerealiseerde opbrengsten. Deze administratie bestaat uit een projectadministratie, een financiële administratie en voor zover van toepassing een deelnemersadministratie, waarin alle noodzakelijke gegevens tijdig, juist en volledig zijn vastgelegd en ten behoeve van de vaststelling van de subsidiabiliteit zijn te verifiëren met bewijsstukken.
2. De volledige administratie is per project voor controle beschikbaar op één voor de subsidieontvanger of de penvoerder in Nederland vrij toegankelijke locatie. Voor projecten die worden uitgevoerd in het kader van specifieke maatregelen kan de minister in afwijking hiervan nadere afspraken vaststellen.
3. De projectadministratie geeft inzicht in de geplande en gerealiseerde activiteiten in termen van deelnemers dan wel in termen van geleverde producten of diensten.
4. De financiële administratie geeft inzicht in de subsidiabele kosten, de gerealiseerde opbrengsten en de wijze waarop deze kosten en opbrengsten aan het project worden toegerekend.
5. Indien er in het project sprake is van deelnemers geeft de deelnemersadministratie inzicht in de streefwaarden met betrekking tot de aan het project verbonden indicatoren.
6. Ter zake van de directe loonkosten en de kosten van eigen arbeid, dient een door middel van een inzichtelijk tijdschrijfsysteem controleerbare urenverantwoording per werknemer aanwezig te zijn of een krachtens naar behoren gemotiveerd besluit van de organisatie waaruit blijkt dat de werknemer wordt ingezet voor taken die specifiek verband houden met de uitvoering van het project. Dit besluit dient jaarlijks te worden bekrachtigd.
7. De minister, de Europese Commissie of haar vertegenwoordigers, de door de minister dan wel de door de Europese Commissie aangewezen instanties en de Rekenkamer hebben de bevoegdheid om audits, op basis van documenten of ter plaatse, uit te voeren bij de subsidieontvanger of de penvoerder, contractanten en subcontractanten die overeenkomstig de Verordening gemeenschappelijke bepalingen, Verordening AMIF, Verordening ISF en Verordening BMVI middelen van de Europese Unie hebben ontvangen. Tevens verstrekken zij voornoemde instanties desgevraagd informatie over de projecten die voor monitoring en evaluatie gebruikt kunnen worden.
8. Het Europees Bureau voor Fraudebestrijding kan onderzoeken uitvoeren, zoals controles en verificaties ter plaatse, overeenkomstig de bepalingen en procedures in Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 van het Europees Parlement en de Raad en Verordening (Euratom, EG) nr. 2185/96 van de Raad, om vast te stellen of er sprake is van fraude, corruptie of andere onwettige activiteiten waardoor de financiële belangen van de Europese Unie zijn geschaad, in verband met een subsidieovereenkomst, subsidiebesluit of een overeenkomst, gefinancierd overeenkomstig de Verordening gemeenschappelijke bepalingen of de specifieke verordeningen.
2. De volledige administratie is per project voor controle beschikbaar op één voor de subsidieontvanger of de penvoerder in Nederland vrij toegankelijke locatie. Voor projecten die worden uitgevoerd in het kader van specifieke maatregelen kan de minister in afwijking hiervan nadere afspraken vaststellen.
3. De projectadministratie geeft inzicht in de geplande en gerealiseerde activiteiten in termen van deelnemers dan wel in termen van geleverde producten of diensten.
4. De financiële administratie geeft inzicht in de subsidiabele kosten, de gerealiseerde opbrengsten en de wijze waarop deze kosten en opbrengsten aan het project worden toegerekend.
5. Indien er in het project sprake is van deelnemers geeft de deelnemersadministratie inzicht in de streefwaarden met betrekking tot de aan het project verbonden indicatoren.
6. Ter zake van de directe loonkosten en de kosten van eigen arbeid, dient een door middel van een inzichtelijk tijdschrijfsysteem controleerbare urenverantwoording per werknemer aanwezig te zijn of een krachtens naar behoren gemotiveerd besluit van de organisatie waaruit blijkt dat de werknemer wordt ingezet voor taken die specifiek verband houden met de uitvoering van het project. Dit besluit dient jaarlijks te worden bekrachtigd.
7. De minister, de Europese Commissie of haar vertegenwoordigers, de door de minister dan wel de door de Europese Commissie aangewezen instanties en de Rekenkamer hebben de bevoegdheid om audits, op basis van documenten of ter plaatse, uit te voeren bij de subsidieontvanger of de penvoerder, contractanten en subcontractanten die overeenkomstig de Verordening gemeenschappelijke bepalingen, Verordening AMIF, Verordening ISF en Verordening BMVI middelen van de Europese Unie hebben ontvangen. Tevens verstrekken zij voornoemde instanties desgevraagd informatie over de projecten die voor monitoring en evaluatie gebruikt kunnen worden.
8. Het Europees Bureau voor Fraudebestrijding kan onderzoeken uitvoeren, zoals controles en verificaties ter plaatse, overeenkomstig de bepalingen en procedures in Verordening (EU, Euratom) nr. 883/2013 van het Europees Parlement en de Raad en Verordening (Euratom, EG) nr. 2185/96 van de Raad, om vast te stellen of er sprake is van fraude, corruptie of andere onwettige activiteiten waardoor de financiële belangen van de Europese Unie zijn geschaad, in verband met een subsidieovereenkomst, subsidiebesluit of een overeenkomst, gefinancierd overeenkomstig de Verordening gemeenschappelijke bepalingen of de specifieke verordeningen.