BWBR0046658
Geldig vanaf 2024-08-21
Artikel 17
Subsidieregeling AMIF, ISF en BMVI 2021–2027
1. Zowel bij de aankoop als bij de bouw of de renovatie en de huur dient een onroerende zaak te voldoen aan de technische kenmerken die noodzakelijk zijn voor het project en aan de geldende normen en standaarden.
2. Wanneer de aankoop van onroerende zaken essentieel is voor de uitvoering van het project, er een duidelijk verband bestaat met de doelstellingen ervan en in lijn is met de Verordening AMIF, de Verordening ISF of de Verordening BMVI komt de aankoop van een onroerende zaak, dat wil zeggen reeds opgetrokken gebouwen of de bouw van een onroerende zaak, in aanmerking voor medefinanciering, indien:
a. er een bewijs is afgegeven door een onafhankelijke gecertificeerde taxateur of een naar behoren gemachtigd officieel orgaan, waaruit blijkt dat de prijs de marktwaarde niet overschrijdt. Bovendien verklaart dit bewijs ofwel dat de onroerende zaak in overeenstemming is met de nationale voorschriften, ofwel het de punten aangeeft die niet conform zijn en waarvan de rectificatie door de subsidieontvanger is gepland in het kader van het project;
b. de onroerende zaak niet vóór de uitvoering van het project met overheidssubsidie is aangekocht, en
c. de onroerende zaak alleen wordt gebruikt voor het doel van het project. Indien dit niet het geval is, is alleen het deel van de aankoop van de onroerende zaak dat overeenstemt met het gebruik voor het project subsidiabel.
3. Alleen het deel van de afschrijvingen dat overeenstemt met de duur van het gebruik tijdens het project, met de mate waarin zij daadwerkelijk voor het project worden gebruikt en dat nog niet eerder afgeschreven werd, is subsidiabel. De afschrijvingen worden lineair berekend binnen de nationale boekhoudvoorschriften die betrekking hebben op de subsidieontvanger.
4. In de plaats van afschrijvingen kunnen, mits voldoende gemotiveerd, de volledige of gedeeltelijke aankoopkosten of de volledige kosten van de herinrichting, modernisering of renovatie van gebouwen worden aanvaard na goedkeuring tijdens de aanvraagprocedure door de minister.
5. In geval van medefinanciering van de volledige of gedeeltelijke aankoopkosten of de volledige kosten van de herinrichting, modernisering of renovatie van gebouwen mag de onroerende zaak voor een periode van ten minste vijf jaar na de einddatum van het project alleen voor het in het kader van het project vastgestelde doel worden gebruikt, tenzij de minister anders beslist.
6. De huur van onroerend goed komt voor Europese subsidie in aanmerking indien:
a. er een duidelijk verband bestaat tussen de huur en de doelstellingen van het betrokken project;
b. het onroerend goed niet is aangekocht met overheidssubsidie, en
c. het onroerend goed alleen wordt gebruikt voor de uitvoering van het project. Indien dit niet het geval is, is alleen het deel van de kosten dat overeenstemt met het gebruik voor het project subsidiabel.
2. Wanneer de aankoop van onroerende zaken essentieel is voor de uitvoering van het project, er een duidelijk verband bestaat met de doelstellingen ervan en in lijn is met de Verordening AMIF, de Verordening ISF of de Verordening BMVI komt de aankoop van een onroerende zaak, dat wil zeggen reeds opgetrokken gebouwen of de bouw van een onroerende zaak, in aanmerking voor medefinanciering, indien:
a. er een bewijs is afgegeven door een onafhankelijke gecertificeerde taxateur of een naar behoren gemachtigd officieel orgaan, waaruit blijkt dat de prijs de marktwaarde niet overschrijdt. Bovendien verklaart dit bewijs ofwel dat de onroerende zaak in overeenstemming is met de nationale voorschriften, ofwel het de punten aangeeft die niet conform zijn en waarvan de rectificatie door de subsidieontvanger is gepland in het kader van het project;
b. de onroerende zaak niet vóór de uitvoering van het project met overheidssubsidie is aangekocht, en
c. de onroerende zaak alleen wordt gebruikt voor het doel van het project. Indien dit niet het geval is, is alleen het deel van de aankoop van de onroerende zaak dat overeenstemt met het gebruik voor het project subsidiabel.
3. Alleen het deel van de afschrijvingen dat overeenstemt met de duur van het gebruik tijdens het project, met de mate waarin zij daadwerkelijk voor het project worden gebruikt en dat nog niet eerder afgeschreven werd, is subsidiabel. De afschrijvingen worden lineair berekend binnen de nationale boekhoudvoorschriften die betrekking hebben op de subsidieontvanger.
4. In de plaats van afschrijvingen kunnen, mits voldoende gemotiveerd, de volledige of gedeeltelijke aankoopkosten of de volledige kosten van de herinrichting, modernisering of renovatie van gebouwen worden aanvaard na goedkeuring tijdens de aanvraagprocedure door de minister.
5. In geval van medefinanciering van de volledige of gedeeltelijke aankoopkosten of de volledige kosten van de herinrichting, modernisering of renovatie van gebouwen mag de onroerende zaak voor een periode van ten minste vijf jaar na de einddatum van het project alleen voor het in het kader van het project vastgestelde doel worden gebruikt, tenzij de minister anders beslist.
6. De huur van onroerend goed komt voor Europese subsidie in aanmerking indien:
a. er een duidelijk verband bestaat tussen de huur en de doelstellingen van het betrokken project;
b. het onroerend goed niet is aangekocht met overheidssubsidie, en
c. het onroerend goed alleen wordt gebruikt voor de uitvoering van het project. Indien dit niet het geval is, is alleen het deel van de kosten dat overeenstemt met het gebruik voor het project subsidiabel.