BWBR0046418
Geldig vanaf 2022-04-01
Artikel 7
Regeling specifieke uitkeringen lokale en regionale MIRT-projecten en MIRT-projectpakketten
1. De raming van de kosten, bedoeld in de artikel 6, eerste lid, vindt plaats conform Standaardsystematiek voor Kostenramingen 2018, op basis van de meest waarschijnlijke waarde van een deterministische of de gemiddelde waarde van een probabilistische raming.
2. De raming van de kosten, bedoeld in artikel 6, tweede lid, vindt plaats conform de Standaardsystematiek voor Kostenramingen 2018 op basis van de meest waarschijnlijke waarde van een deterministische of de gemiddelde waarde van een probabilistische raming, indien het bedrag waarvoor de specifieke uitkering wordt aangevraagd niet meer dan 25 miljoen euro bedraagt en op basis van de gemiddelde waarde van een probabilistische raming, indien het bedrag waarvoor de specifieke uitkering wordt aangevraagd meer dan 25 miljoen euro bedraagt.
3. De raming van de kosten, bedoeld in artikel 6, derde lid, vindt plaats conform de Standaardsystematiek voor Kostenramingen 2018 op basis van de gemiddelde waarde van een probabilistische raming.
2. De raming van de kosten, bedoeld in artikel 6, tweede lid, vindt plaats conform de Standaardsystematiek voor Kostenramingen 2018 op basis van de meest waarschijnlijke waarde van een deterministische of de gemiddelde waarde van een probabilistische raming, indien het bedrag waarvoor de specifieke uitkering wordt aangevraagd niet meer dan 25 miljoen euro bedraagt en op basis van de gemiddelde waarde van een probabilistische raming, indien het bedrag waarvoor de specifieke uitkering wordt aangevraagd meer dan 25 miljoen euro bedraagt.
3. De raming van de kosten, bedoeld in artikel 6, derde lid, vindt plaats conform de Standaardsystematiek voor Kostenramingen 2018 op basis van de gemiddelde waarde van een probabilistische raming.