BWBR0043555
Geldig vanaf 2020-05-21
Artikel 14
Tijdelijke regeling tegemoetkoming werknemers Westhaven
1. De Minister herziet een besluit tot toekenning van de tegemoetkoming, alsmede de vaststelling van de hoogte daarvan, indien de werknemer de verplichtingen, bedoeld in de artikelen 10, tweede lid, 11, derde lid, niet of niet behoorlijk is nagekomen en dit heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag toekennen van de tegemoetkoming.
2. De Minister trekt het besluit tot toekenning van de tegemoetkoming in, indien de werknemer niet of in onvoldoende mate zijn verplichting bedoeld in artikel 13, tweede lid, nakomt.
3. Indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn kan de Minister besluiten geheel of gedeeltelijk van herziening of intrekking af te zien.
4. De tegemoetkoming die als gevolg van een besluit als bedoeld in het eerste lid ten onrechte of tot een te hoog bedrag is toegekend, alsmede hetgeen anderszins onverschuldigd is betaald, wordt van de werknemer aan wie de tegemoetkoming is toegekend teruggevorderd.
2. De Minister trekt het besluit tot toekenning van de tegemoetkoming in, indien de werknemer niet of in onvoldoende mate zijn verplichting bedoeld in artikel 13, tweede lid, nakomt.
3. Indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn kan de Minister besluiten geheel of gedeeltelijk van herziening of intrekking af te zien.
4. De tegemoetkoming die als gevolg van een besluit als bedoeld in het eerste lid ten onrechte of tot een te hoog bedrag is toegekend, alsmede hetgeen anderszins onverschuldigd is betaald, wordt van de werknemer aan wie de tegemoetkoming is toegekend teruggevorderd.