BWBR0039872
Geldig vanaf 2017-03-01
Artikel 997
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van niet-digitaal procederen)
1. Het verzet van een schuldeiser onderscheidenlijk een wederpartij overeenkomstig de artikelen 100 lid 3, 182 lid 3, 316 lid 2, 334l, of 404 lid 5 van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek wordt door de rechter met de meeste spoed behandeld. Indien verschillende verzoeken zijn ingediend, wordt op alle tezamen beschikt.
2. Van de dag waarop de mondelinge behandeling zal plaatsvinden, wordt door de griffier aankondiging gedaan in de <em>Nederlandse Staatscourant</em>en in een landelijk verspreid dagblad.
3. Voorts geeft de griffier kennis aan het kantoor van het handelsregister, waar de vennootschap is ingeschreven.
4. De rechtbank hoort de schuldeisers onderscheidenlijk de wederpartijen die zijn verschenen.
5. Hoger beroep moet binnen drie weken na de dagtekening van de eindbeschikking worden ingesteld bij de ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam. De voorgaande leden vinden in hoger beroep overeenkomstige toepassing.
2. Van de dag waarop de mondelinge behandeling zal plaatsvinden, wordt door de griffier aankondiging gedaan in de <em>Nederlandse Staatscourant</em>en in een landelijk verspreid dagblad.
3. Voorts geeft de griffier kennis aan het kantoor van het handelsregister, waar de vennootschap is ingeschreven.
4. De rechtbank hoort de schuldeisers onderscheidenlijk de wederpartijen die zijn verschenen.
5. Hoger beroep moet binnen drie weken na de dagtekening van de eindbeschikking worden ingesteld bij de ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam. De voorgaande leden vinden in hoger beroep overeenkomstige toepassing.