BWBR0039872
Geldig vanaf 2017-03-01
Artikel 1038d
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van niet-digitaal procederen)
Een partij kan zijn vordering respectievelijk tegenvordering of de gronden daarvan veranderen of vermeerderen gedurende de arbitrale procedure, op voorwaarde dat de wederpartij daardoor in zijn verdediging niet onredelijk wordt bemoeilijkt of het geding daardoor niet onredelijk wordt vertraagd.