BWBR0039872
Geldig vanaf 2017-03-01
Artikel 586
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van niet-digitaal procederen)
Tenzij de tenuitvoerlegging bij lijfsdwang reeds was toegestaan in het vonnis of de beschikking tot nakoming waarvan dit dwangmiddel strekt, wordt een vordering tot uitvoerbaarverklaring bij lijfsdwang ingesteld bij de voorzieningenrechter van de rechtbank. De vordering wordt ingesteld en behandeld als een kort geding.