BWBR0036443
Geldig vanaf 2015-07-01
Artikel 38
Wet raadgevend referendum
1. De voorzitter van het centraal stembureau maakt het besluit inzake de toelating van het inleidend verzoek zo spoedig mogelijk bekend, door kennisgeving van het besluit in de Staatscourant. Een afschrift van het proces-verbaal wordt voor een ieder ter inzage gelegd.
2. De voorzitter doet van het besluit inzake de toelating van het inleidend verzoek mededeling aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, aan de voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal en aan Onze Minister.
2. De voorzitter doet van het besluit inzake de toelating van het inleidend verzoek mededeling aan de voorzitter van de Tweede Kamer der Staten-Generaal, aan de voorzitter van de Eerste Kamer der Staten-Generaal en aan Onze Minister.