BWBR0033498
Geldig vanaf 01-10-2013
Artikel 22
Tijdelijke regeling overbruggingsuitkering AOW
1. De overbruggingsuitkering die als gevolg van een besluit als bedoeld in artikel 16 onverschuldigd is betaald, alsmede hetgeen anderszins onverschuldigd is betaald, wordt door de SVB van de rechthebbende of zijn wettelijke vertegenwoordiger teruggevorderd.
2. Bij de toepassing van het eerste lid zijn de artikelen 24, tweede tot en met zevende lid, 24a, 25, 25a en 26 van de AOW en de Regeling tenuitvoerlegging bestuurlijke boeten en terugvordering onverschuldigde betalingen van overeenkomstige toepassing, waarbij voor ‘ouderdomspensioen’ telkens wordt gelezen ‘overbruggingsuitkering en voor ‘pensioengerechtigde’ telkens wordt gelezen: rechthebbende.
3. De SVB verrekent, zonder dat daarvoor een machtiging nodig is, hetgeen onverschuldigd is betaald met het ouderdomspensioen dat de rechthebbende of zijn echtgenoot op grond van de AOW ontvangt of zal ontvangen.
2. Bij de toepassing van het eerste lid zijn de artikelen 24, tweede tot en met zevende lid, 24a, 25, 25a en 26 van de AOW en de Regeling tenuitvoerlegging bestuurlijke boeten en terugvordering onverschuldigde betalingen van overeenkomstige toepassing, waarbij voor ‘ouderdomspensioen’ telkens wordt gelezen ‘overbruggingsuitkering en voor ‘pensioengerechtigde’ telkens wordt gelezen: rechthebbende.
3. De SVB verrekent, zonder dat daarvoor een machtiging nodig is, hetgeen onverschuldigd is betaald met het ouderdomspensioen dat de rechthebbende of zijn echtgenoot op grond van de AOW ontvangt of zal ontvangen.
- Citeren als
- Art. 22
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0033498
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl