BWBR0030288
Geldig vanaf 2024-11-26
Artikel 138
Uitvoeringsregeling zeevisserij
1. Het is verboden in strijd te handelen met artikel 15, eerste lid, van verordening nr. 1005/2008, artikel 5, eerste en vijfde lid, van verordening nr. 1984/2003 en artikel 18, eerste lid, van verordening nr. 1035/2001.
2. De minister is de overheidsinstantie, bedoeld in artikel 12, vierde lid, van verordening nr. 1005/2008, en de bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 5, tweede lid, van verordening nr. 1984/2003, en artikel 18, eerste lid, van verordening nr. 1035/2001.
3. De uitvoerder van vangsten van een vissersvaartuig dient het verzoek tot validatie, bedoeld in artikel 15, eerste lid, van verordening nr. 1005/2008, artikel 5, tweede lid, van verordening nr. 1984/2003, en artikel 18, eerste lid, van verordening nr. 1035/2001, in bij de minister.
2. De minister is de overheidsinstantie, bedoeld in artikel 12, vierde lid, van verordening nr. 1005/2008, en de bevoegde autoriteit, bedoeld in artikel 5, tweede lid, van verordening nr. 1984/2003, en artikel 18, eerste lid, van verordening nr. 1035/2001.
3. De uitvoerder van vangsten van een vissersvaartuig dient het verzoek tot validatie, bedoeld in artikel 15, eerste lid, van verordening nr. 1005/2008, artikel 5, tweede lid, van verordening nr. 1984/2003, en artikel 18, eerste lid, van verordening nr. 1035/2001, in bij de minister.