BWBR0029789
Geldig vanaf 2013-03-25
Artikel 5.3
Besluit lozen buiten inrichtingen
1. Indien op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 2.1nog niet is beslist op een aanvraag om een vergunning op grond van artikel 6.2 van de Waterwetof artikel 1 van de Wet verontreiniging oppervlaktewaterenen dit besluit op dat lozen van toepassing is, wordt de aanvraag om de vergunning aangemerkt als een melding overeenkomstig artikel 1.10voor zover het lozen bij of krachtens de in hoofdstuk 3van dit besluit gestelde voorschriften is toegestaan.
2. Indien op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 2.1nog niet is beslist op een aanvraag om een ontheffing op grond van de artikelen 14, tweede lid, 24, tweede lid, en 25, tweede lid van het Lozingenbesluit bodembeschermingen dit besluit op dat lozen van toepassing is, wordt de aanvraag om de ontheffing aangemerkt als:
a. een melding overeenkomstig artikel 1.10 voor zover het lozen bij of krachtens de in hoofdstuk 3 van dit besluit gestelde voorschriften is toegestaan;
b. een verzoek tot het stellen van een maatwerkvoorschrift als bedoeld in artikel 2.2, derde lid, voor zover het lozen niet bij of krachtens de in het hoofdstuk 3 van dit besluit gestelde voorschriften is toegestaan.
2. Indien op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 2.1nog niet is beslist op een aanvraag om een ontheffing op grond van de artikelen 14, tweede lid, 24, tweede lid, en 25, tweede lid van het Lozingenbesluit bodembeschermingen dit besluit op dat lozen van toepassing is, wordt de aanvraag om de ontheffing aangemerkt als:
a. een melding overeenkomstig artikel 1.10 voor zover het lozen bij of krachtens de in hoofdstuk 3 van dit besluit gestelde voorschriften is toegestaan;
b. een verzoek tot het stellen van een maatwerkvoorschrift als bedoeld in artikel 2.2, derde lid, voor zover het lozen niet bij of krachtens de in het hoofdstuk 3 van dit besluit gestelde voorschriften is toegestaan.