BWBR0029789
Geldig vanaf 2013-03-25
Artikel 3.20
Besluit lozen buiten inrichtingen
1. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder vaartuig mede verstaan een drijvend werktuig.
2. Het lozen in brak oppervlaktewater vanaf een vaartuig van afvalwater dat vrijkomt bij het spoelen van door dat vaartuig vervoerd zeezand is toegestaan.
3. Het lozen in zoet oppervlaktewater vanaf een varend vaartuig van afvalwater dat vrijkomt bij het spoelen van door dat vaartuig vervoerd zeezand is toegestaan.
4. Het lozen in een oppervlaktewaterlichaam vanaf een vaartuig van afvalwater dat vrijkomt bij het door dat vaartuig scheiden van zand of grind is toegestaan.
5. Het lozen in een oppervlaktewaterlichaam vanaf een vaartuig van organismen en slib ten gevolge van het kweken en verwerken van mosselen en oesters is toegestaan.
6. Het bevoegd gezag kan met betrekking tot het lozen, bedoeld in het vijfde lid, maatwerkvoorschriften stellen met betrekking tot de plaats van het lozen.
2. Het lozen in brak oppervlaktewater vanaf een vaartuig van afvalwater dat vrijkomt bij het spoelen van door dat vaartuig vervoerd zeezand is toegestaan.
3. Het lozen in zoet oppervlaktewater vanaf een varend vaartuig van afvalwater dat vrijkomt bij het spoelen van door dat vaartuig vervoerd zeezand is toegestaan.
4. Het lozen in een oppervlaktewaterlichaam vanaf een vaartuig van afvalwater dat vrijkomt bij het door dat vaartuig scheiden van zand of grind is toegestaan.
5. Het lozen in een oppervlaktewaterlichaam vanaf een vaartuig van organismen en slib ten gevolge van het kweken en verwerken van mosselen en oesters is toegestaan.
6. Het bevoegd gezag kan met betrekking tot het lozen, bedoeld in het vijfde lid, maatwerkvoorschriften stellen met betrekking tot de plaats van het lozen.