BWBR0028907
Geldig vanaf 31-12-2011
Artikel 30
Regeling securitisaties Wft 2010
1. Bij de toepassing van de op ratings gebaseerde methode wordt de risicogewogen post van een securitisatie- of hersecuritisatiepositie met externe kredietbeoordeling berekend door op de waarde van de post het risicogewicht toe te passen dat verbonden is met de kredietkwaliteitscategorie waarin de kredietbeoordeling overeenkomstig artikel 85, vierde en vijfde lid, van het Besluit is ondergebracht, zoals in Bijlage 2, tabel 2, is weergegeven, vermenigvuldigd met de factor 1,06.
2. Onverminderd het bepaalde in het derde en vierde lid, worden de risicogewichten van kolom A van tabel 2 van Bijlage 2 toegepast wanneer de securitisatiepositie met externe kredietbeoordeling zich bevindt in de tranche van de hoogste rangorde. Bij het bepalen of een bepaalde tranche de hoogste rangorde heeft, hoeft geen rekening te worden gehouden met verschuldigde bedragen in het kader van rente- of valutaderivatencontracten, verschuldigde vergoedingen of andere soortgelijke betalingen.
3. De in kolom C van tabel 2 van Bijlage 2 genoemde risicogewichten worden toegepast wanneer de securitisatiepositie met externe kredietbeoordeling geen hersecuritisatie betreft met een effectief aantal gesecuritiseerde vorderingen van minder dan zes. Bij het berekenen van het effectieve aantal gesecuritiseerde vorderingen worden meerdere vorderingen op één (1) debiteur als één (1) vordering aangemerkt en wordt de volgende formule gebruikt:
waarbij N het effectieve aantal gesecuritiseerde vorderingen is en EADi de som is van de waarde van alle vorderingen op de i-de debiteur. Bij hersecuritisatie neemt de financiële onderneming het aantal securitisatieposities in de pool in aanmerking en niet het aantal onderliggende vorderingen in de oorspronkelijke pools waaruit de onderliggende securitisatieposities afkomstig zijn. Indien het met de grootste vordering, C1, verbonden portefeuille-aandeel beschikbaar is, kan de financiële onderneming N berekenen als 1/C1.
4. De in kolom B van tabel 2 van Bijlage 2 genoemde risicogewichten worden op alle andere securitisatieposities, niet zijnde hersecuritisatieposites, toegepast.
5. Op hersecuritisatieposities worden de risicogewichten van kolom E van tabel 2 van Bijlage 2 toegepast, tenzij de hersecuritisatiepositie zich in de tranche van de hoogste rang van een hersecuritisatie bevindt en geen van de onderliggende vorderingen zelf hersecuritisatieposities waren, in welk geval de risicogewichten van kolom D van tabel 2 van Bijlage 2 worden toegepast. Om vast te stellen of een bepaalde tranche de hoogste rang heeft, behoeft geen rekening te worden gehouden met verschuldigde bedragen in het kader van rente- of valutaderivatencontracten, verschuldigde vergoedingen of andere soortgelijke betalingen.
6. Kredietrisicovermindering ten aanzien van securitisatieposities kan overeenkomstig de artikelen 40 tot en met 42 worden erkend.
2. Onverminderd het bepaalde in het derde en vierde lid, worden de risicogewichten van kolom A van tabel 2 van Bijlage 2 toegepast wanneer de securitisatiepositie met externe kredietbeoordeling zich bevindt in de tranche van de hoogste rangorde. Bij het bepalen of een bepaalde tranche de hoogste rangorde heeft, hoeft geen rekening te worden gehouden met verschuldigde bedragen in het kader van rente- of valutaderivatencontracten, verschuldigde vergoedingen of andere soortgelijke betalingen.
3. De in kolom C van tabel 2 van Bijlage 2 genoemde risicogewichten worden toegepast wanneer de securitisatiepositie met externe kredietbeoordeling geen hersecuritisatie betreft met een effectief aantal gesecuritiseerde vorderingen van minder dan zes. Bij het berekenen van het effectieve aantal gesecuritiseerde vorderingen worden meerdere vorderingen op één (1) debiteur als één (1) vordering aangemerkt en wordt de volgende formule gebruikt:
waarbij N het effectieve aantal gesecuritiseerde vorderingen is en EADi de som is van de waarde van alle vorderingen op de i-de debiteur. Bij hersecuritisatie neemt de financiële onderneming het aantal securitisatieposities in de pool in aanmerking en niet het aantal onderliggende vorderingen in de oorspronkelijke pools waaruit de onderliggende securitisatieposities afkomstig zijn. Indien het met de grootste vordering, C1, verbonden portefeuille-aandeel beschikbaar is, kan de financiële onderneming N berekenen als 1/C1.
4. De in kolom B van tabel 2 van Bijlage 2 genoemde risicogewichten worden op alle andere securitisatieposities, niet zijnde hersecuritisatieposites, toegepast.
5. Op hersecuritisatieposities worden de risicogewichten van kolom E van tabel 2 van Bijlage 2 toegepast, tenzij de hersecuritisatiepositie zich in de tranche van de hoogste rang van een hersecuritisatie bevindt en geen van de onderliggende vorderingen zelf hersecuritisatieposities waren, in welk geval de risicogewichten van kolom D van tabel 2 van Bijlage 2 worden toegepast. Om vast te stellen of een bepaalde tranche de hoogste rang heeft, behoeft geen rekening te worden gehouden met verschuldigde bedragen in het kader van rente- of valutaderivatencontracten, verschuldigde vergoedingen of andere soortgelijke betalingen.
6. Kredietrisicovermindering ten aanzien van securitisatieposities kan overeenkomstig de artikelen 40 tot en met 42 worden erkend.
- Citeren als
- Art. 30
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028907
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl