BWBR0028498
Geldig vanaf 2010-10-01
Artikel 6
Beleidsregels ontgrondingen in rijkswateren
1. In het IJsselmeergebied kan een ontgrondingsvergunning worden verleend als er sprake is van een multifunctionele ontgronding of, indien er zwaarwegende redenen zijn, voor niet-multifunctionele ontgrondingen.
2. Ontgrondingen als bedoeld in het eerste lid worden in ieder geval beschouwd als multifunctioneel als het ontgrondingen betreft die tevens dienen voor:
a. de aanleg en verbetering van vaargeulen;
b. de vergroting van de vaarmogelijkheden voor de recreatievaart;
c. de verbetering van de retourstroomgeul op het Zwarte Meer;
d. de verbetering van de stroomgeulen van de IJssel op het Ketelmeer;
e. de uitvoering van het Integraal Inrichtingsplan Veluwerandmeren (IIVR);
f. de uitvoering van natuurontwikkeling en ter uitvoering van afspraken in het kader van de Interdepartementale Commissie voor de Economische Structuurversterking (veiligheid en natte natuur), onderdeel IJsselmeergebied.
3. Voor de in het tweede lid, onder a, genoemde ontgrondingen gelden de volgende win- en opleverdieptes:
a. IJsselmeer, Markermeer (met uitzondering van Gouwzee en Buiten-IJ) en Ketelmeer: 1°. winnen tot een diepte van maximaal NAP -30 meter;
2°. opleveren op een variabele diepte van minimaal NAP -8 meter, maximaal NAP -12 meter en gemiddeld NAP -10 meter;
1°. winnen tot een diepte van maximaal NAP -30 meter;
2°. opleveren op een variabele diepte van minimaal NAP -8 meter, maximaal NAP -12 meter en gemiddeld NAP -10 meter;
b. overige randmeren: 1°. winnen tot een diepte van maximaal NAP -8 meter;
2°. opleveren op een variabele diepte van minimaal NAP -5 meter, maximaal NAP -8 meter en gemiddeld NAP -6 meter.
1°. winnen tot een diepte van maximaal NAP -8 meter;
2°. opleveren op een variabele diepte van minimaal NAP -5 meter, maximaal NAP -8 meter en gemiddeld NAP -6 meter.
4. Van de win- en opleverdieptes, bedoeld in het derde lid, kan worden afgeweken als dat nodig is om waterstaatkundige redenen.
5. In afwijking van het eerste en het derde lid kan:
a. kalkzandsteenzand alleen worden gewonnen in: 1°. het in de vergunning aangewezen wingebied in het Gooimeer tot een maximale windiepte van NAP -12 meter en een maximale opleveringsdiepte van NAP -8 meter;
2°. in een nieuwe winplaats in het Veluwemeer, geheel of gedeeltelijk ter vervanging van de winplaats in de huidige vergunning;
1°. het in de vergunning aangewezen wingebied in het Gooimeer tot een maximale windiepte van NAP -12 meter en een maximale opleveringsdiepte van NAP -8 meter;
2°. in een nieuwe winplaats in het Veluwemeer, geheel of gedeeltelijk ter vervanging van de winplaats in de huidige vergunning;
b. zand voor cellenbeton alleen worden gewonnen in de stroomgeulen van de IJssel in het Ketelmeer met een maximale windiepte van NAP -15 meter en een maximale opleveringsdiepte van NAP -8 meter.
2. Ontgrondingen als bedoeld in het eerste lid worden in ieder geval beschouwd als multifunctioneel als het ontgrondingen betreft die tevens dienen voor:
a. de aanleg en verbetering van vaargeulen;
b. de vergroting van de vaarmogelijkheden voor de recreatievaart;
c. de verbetering van de retourstroomgeul op het Zwarte Meer;
d. de verbetering van de stroomgeulen van de IJssel op het Ketelmeer;
e. de uitvoering van het Integraal Inrichtingsplan Veluwerandmeren (IIVR);
f. de uitvoering van natuurontwikkeling en ter uitvoering van afspraken in het kader van de Interdepartementale Commissie voor de Economische Structuurversterking (veiligheid en natte natuur), onderdeel IJsselmeergebied.
3. Voor de in het tweede lid, onder a, genoemde ontgrondingen gelden de volgende win- en opleverdieptes:
a. IJsselmeer, Markermeer (met uitzondering van Gouwzee en Buiten-IJ) en Ketelmeer: 1°. winnen tot een diepte van maximaal NAP -30 meter;
2°. opleveren op een variabele diepte van minimaal NAP -8 meter, maximaal NAP -12 meter en gemiddeld NAP -10 meter;
1°. winnen tot een diepte van maximaal NAP -30 meter;
2°. opleveren op een variabele diepte van minimaal NAP -8 meter, maximaal NAP -12 meter en gemiddeld NAP -10 meter;
b. overige randmeren: 1°. winnen tot een diepte van maximaal NAP -8 meter;
2°. opleveren op een variabele diepte van minimaal NAP -5 meter, maximaal NAP -8 meter en gemiddeld NAP -6 meter.
1°. winnen tot een diepte van maximaal NAP -8 meter;
2°. opleveren op een variabele diepte van minimaal NAP -5 meter, maximaal NAP -8 meter en gemiddeld NAP -6 meter.
4. Van de win- en opleverdieptes, bedoeld in het derde lid, kan worden afgeweken als dat nodig is om waterstaatkundige redenen.
5. In afwijking van het eerste en het derde lid kan:
a. kalkzandsteenzand alleen worden gewonnen in: 1°. het in de vergunning aangewezen wingebied in het Gooimeer tot een maximale windiepte van NAP -12 meter en een maximale opleveringsdiepte van NAP -8 meter;
2°. in een nieuwe winplaats in het Veluwemeer, geheel of gedeeltelijk ter vervanging van de winplaats in de huidige vergunning;
1°. het in de vergunning aangewezen wingebied in het Gooimeer tot een maximale windiepte van NAP -12 meter en een maximale opleveringsdiepte van NAP -8 meter;
2°. in een nieuwe winplaats in het Veluwemeer, geheel of gedeeltelijk ter vervanging van de winplaats in de huidige vergunning;
b. zand voor cellenbeton alleen worden gewonnen in de stroomgeulen van de IJssel in het Ketelmeer met een maximale windiepte van NAP -15 meter en een maximale opleveringsdiepte van NAP -8 meter.