BWBR0028424
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 60
Wet voortgezet onderwijs BES
1. De vergoeding heeft ten minste betrekking op:
a. personeelskosten zoals onder meer salarissen en nascholing, en
b. exploitatiekosten zoals onder meer onderhoud en vervanging van inventaris, onderhoud van gebouwen en terreinen, energie, water.
2. De vergoeding is toereikend met het oog op een goede verzorging van het voortgezet onderwijs.
3. Bij eilandsverordening worden voor zover van toepassing geregeld:
a. de gevallen waarin de niet in het eerste lid genoemde kostensoorten voor vergoeding in aanmerking komen;
b. de wijze waarop vergoedingen als bedoeld in het eerste lid worden berekend;
c. de voorwaarden waaronder een vergoeding als bedoeld in het derde lid kan worden toegekend;
d. de wijze waarop de vergoedingen beschikbaar worden gesteld aan de bevoegde gezagsorganen, daaronder in elk geval begrepen regels over de betalingswijze, de betalingstermijnen, voor zover van toepassing de bevoorschotting en het al dan niet mede voor andere, alsdan aan te wijzen doeleinden mogen aanwenden van de vergoedingen, en
e. de verantwoording van de rechtmatigheid van de aanwending van de vergoedingen.
4. Vooruitlopend op een wijziging van het eerste lid, kunnen bij algemene maatregel van bestuur kostensoorten worden aangewezen waarop de vergoeding eveneens betrekking heeft.
a. personeelskosten zoals onder meer salarissen en nascholing, en
b. exploitatiekosten zoals onder meer onderhoud en vervanging van inventaris, onderhoud van gebouwen en terreinen, energie, water.
2. De vergoeding is toereikend met het oog op een goede verzorging van het voortgezet onderwijs.
3. Bij eilandsverordening worden voor zover van toepassing geregeld:
a. de gevallen waarin de niet in het eerste lid genoemde kostensoorten voor vergoeding in aanmerking komen;
b. de wijze waarop vergoedingen als bedoeld in het eerste lid worden berekend;
c. de voorwaarden waaronder een vergoeding als bedoeld in het derde lid kan worden toegekend;
d. de wijze waarop de vergoedingen beschikbaar worden gesteld aan de bevoegde gezagsorganen, daaronder in elk geval begrepen regels over de betalingswijze, de betalingstermijnen, voor zover van toepassing de bevoorschotting en het al dan niet mede voor andere, alsdan aan te wijzen doeleinden mogen aanwenden van de vergoedingen, en
e. de verantwoording van de rechtmatigheid van de aanwending van de vergoedingen.
4. Vooruitlopend op een wijziging van het eerste lid, kunnen bij algemene maatregel van bestuur kostensoorten worden aangewezen waarop de vergoeding eveneens betrekking heeft.
- Citeren als
- Art. 60
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028424
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl