BWBR0026991
Geldig vanaf 2009-12-31
Artikel 20
Kaderregeling documentaire informatievoorziening SZW 2009
1. De directeur Bedrijfsvoering is verantwoordelijk voor de overbrenging van de daarvoor in aanmerking komende archiefbescheiden naar een rijksarchiefbewaarplaats.
2. De directeur Bedrijfsvoering is er voor verantwoordelijk dat de over te brengen archiefbescheiden voldoen aan de normen ‘goede en geordende staat’ van het Nationaal Archief.
3. Digitale archiefbescheiden worden voor hun overbrenging opgeslagen in één van de standaarden als bedoeld in artikel 6 van de Regeling geordende en toegankelijke staat archiefbescheiden.
4. De over te brengen archiefbescheiden worden voorzien van een document waarin is opgenomen op welke wijze de duurzaamheid, de ordening en toegankelijkheid zijn geregeld.
5. Van de overbrenging van archiefbescheiden wordt een verklaring, volgens een model, opgemaakt en wordt bewaard in het archief van het archiefvormend orgaan en van de directie Bedrijfsvoering.
6. Ter voorbereiding op de overbrenging overlegt de directie Bedrijfsvoering met de directie Wetgeving, Bestuurlijke en Juridische Aangelegenheden over het al dan niet stellen van beperkingen aan de openbaarheid.
7. De verklaring van overbrenging, met beperkende bepalingen, wordt ondertekend door de plaatsvervangend secretaris-generaal.
De verklaring van overbrenging, zonder beperkende bepalingen wordt ondertekend door de beheerder.
8. In de bestandsregistratie wordt vermeld op welke datum en naar welke rijksarchiefbewaarplaats de archiefbescheiden zijn overgebracht.
2. De directeur Bedrijfsvoering is er voor verantwoordelijk dat de over te brengen archiefbescheiden voldoen aan de normen ‘goede en geordende staat’ van het Nationaal Archief.
3. Digitale archiefbescheiden worden voor hun overbrenging opgeslagen in één van de standaarden als bedoeld in artikel 6 van de Regeling geordende en toegankelijke staat archiefbescheiden.
4. De over te brengen archiefbescheiden worden voorzien van een document waarin is opgenomen op welke wijze de duurzaamheid, de ordening en toegankelijkheid zijn geregeld.
5. Van de overbrenging van archiefbescheiden wordt een verklaring, volgens een model, opgemaakt en wordt bewaard in het archief van het archiefvormend orgaan en van de directie Bedrijfsvoering.
6. Ter voorbereiding op de overbrenging overlegt de directie Bedrijfsvoering met de directie Wetgeving, Bestuurlijke en Juridische Aangelegenheden over het al dan niet stellen van beperkingen aan de openbaarheid.
7. De verklaring van overbrenging, met beperkende bepalingen, wordt ondertekend door de plaatsvervangend secretaris-generaal.
De verklaring van overbrenging, zonder beperkende bepalingen wordt ondertekend door de beheerder.
8. In de bestandsregistratie wordt vermeld op welke datum en naar welke rijksarchiefbewaarplaats de archiefbescheiden zijn overgebracht.