BWBR0025605
Geldig vanaf 2024-09-13
Artikel 6g
Regeling periodieke registratie Wet BIG
1. Voor het beroep van orthopedagoog-generalist gelden de volgende kerncompetenties en kernvaardigheden:
a. het uitvoeren of interpreteren van anamnese en diagnostisch orthopedagogisch onderzoek en aan de hand daarvan stellen van een diagnose of indicatie;
b. het opstellen van een passend behandelings- of begeleidingsplan in samenspraak met de cliënt en diegenen die betrokken zijn bij de opvoeding en ontwikkeling van de cliënt;
c. het zelfstandig uitvoeren en evalueren van orthopedagogische behandeling en begeleiding ten aanzien van: 1°. kinderen en jeugdigen en diegenen die betrokken zijn bij hun opvoeding en ontwikkeling; en
2°. volwassenen met een orthopedagogische zorgvraag en diegenen die betrokken zijn bij hun begeleiding en ontwikkeling;
1°. kinderen en jeugdigen en diegenen die betrokken zijn bij hun opvoeding en ontwikkeling; en
2°. volwassenen met een orthopedagogische zorgvraag en diegenen die betrokken zijn bij hun begeleiding en ontwikkeling;
d. het coördineren van de behandelingen of aansturen van andere disciplines bij de diagnostiek en de behandelingen.
2. De in het eerste lid, onderdeel a, genoemde kerncompetenties en kernvaardigheden worden zodanig ingericht dat de orthopedagoog-generalist in staat is om een compleet diagnostisch beeld te vormen door middel van dialogische, systeemgerichte en veranderingsgerichte diagnostiek resulterend in beslissingen over interventies.
3. De in het eerste lid, onderdeel b, genoemde kerncompetenties en kernvaardigheden worden zodanig ingericht dat de orthopedagoog-generalist in staat is om in samenspraak met de cliënt en diegenen die betrokken zijn bij de opvoeding en ontwikkeling van de cliënt een passend behandelings- of begeleidingsplan op te stellen, dat periodiek wordt geëvalueerd en indien nodig tussentijds aangepast.
4. De in het eerste lid, onderdeel c, genoemde kerncompetenties en kernvaardigheden worden zodanig ingericht dat de orthopedagoog-generalist in staat is om orthopedagogische begeleiding en behandelingen op een systematische en methodische wijze uit te voeren.
5. De in het eerste lid, onderdeel d, genoemde kerncompetenties en kernvaardigheden worden zodanig ingericht dat de orthopedagoog-generalist in staat is om leerkrachten en zorg- en hulpverleners die betrokken zijn bij het opstellen en evalueren van een behandelings- of begeleidingsplan van een cliënt te begeleiden, aan te sturen of te ondersteunen.
a. het uitvoeren of interpreteren van anamnese en diagnostisch orthopedagogisch onderzoek en aan de hand daarvan stellen van een diagnose of indicatie;
b. het opstellen van een passend behandelings- of begeleidingsplan in samenspraak met de cliënt en diegenen die betrokken zijn bij de opvoeding en ontwikkeling van de cliënt;
c. het zelfstandig uitvoeren en evalueren van orthopedagogische behandeling en begeleiding ten aanzien van: 1°. kinderen en jeugdigen en diegenen die betrokken zijn bij hun opvoeding en ontwikkeling; en
2°. volwassenen met een orthopedagogische zorgvraag en diegenen die betrokken zijn bij hun begeleiding en ontwikkeling;
1°. kinderen en jeugdigen en diegenen die betrokken zijn bij hun opvoeding en ontwikkeling; en
2°. volwassenen met een orthopedagogische zorgvraag en diegenen die betrokken zijn bij hun begeleiding en ontwikkeling;
d. het coördineren van de behandelingen of aansturen van andere disciplines bij de diagnostiek en de behandelingen.
2. De in het eerste lid, onderdeel a, genoemde kerncompetenties en kernvaardigheden worden zodanig ingericht dat de orthopedagoog-generalist in staat is om een compleet diagnostisch beeld te vormen door middel van dialogische, systeemgerichte en veranderingsgerichte diagnostiek resulterend in beslissingen over interventies.
3. De in het eerste lid, onderdeel b, genoemde kerncompetenties en kernvaardigheden worden zodanig ingericht dat de orthopedagoog-generalist in staat is om in samenspraak met de cliënt en diegenen die betrokken zijn bij de opvoeding en ontwikkeling van de cliënt een passend behandelings- of begeleidingsplan op te stellen, dat periodiek wordt geëvalueerd en indien nodig tussentijds aangepast.
4. De in het eerste lid, onderdeel c, genoemde kerncompetenties en kernvaardigheden worden zodanig ingericht dat de orthopedagoog-generalist in staat is om orthopedagogische begeleiding en behandelingen op een systematische en methodische wijze uit te voeren.
5. De in het eerste lid, onderdeel d, genoemde kerncompetenties en kernvaardigheden worden zodanig ingericht dat de orthopedagoog-generalist in staat is om leerkrachten en zorg- en hulpverleners die betrokken zijn bij het opstellen en evalueren van een behandelings- of begeleidingsplan van een cliënt te begeleiden, aan te sturen of te ondersteunen.