BWBR0023746
Geldig vanaf 2008-08-01
Artikel 1:22
Algemene douanewet
1. Bij de uitoefening van zijn taak namens de inspecteur draagt de ambtenaar een legitimatiebewijs bij zich, afgegeven door Onze Minister wie het aangaat of een door hem aangewezen ambtenaar.
2. Onverminderd <a href="/wet/BWBR0006763/artikel/1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 1, eerste en tweede lid, van de Algemene wet op het binnentreden</a>toont hij zijn legitimatiebewijs desgevraagd onverwijld.
3. Het model van het legitimatiebewijs is het krachtens <a href="/wet/BWBR0005537/artikel/5:12" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 5:12, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht</a>vastgestelde model.
2. Onverminderd <a href="/wet/BWBR0006763/artikel/1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 1, eerste en tweede lid, van de Algemene wet op het binnentreden</a>toont hij zijn legitimatiebewijs desgevraagd onverwijld.
3. Het model van het legitimatiebewijs is het krachtens <a href="/wet/BWBR0005537/artikel/5:12" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 5:12, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht</a>vastgestelde model.