BWBR0023746
Geldig vanaf 2008-08-01
Artikel 1:12
Algemene douanewet
1. Douanevertegenwoordigers als bedoeld in artikel 1:10hebben een voorrecht op alle vermogensbestanddelen van de opdrachtgever voor de door hen ten behoeve van hun opdrachtgever betaalde rechten bij invoer, andere belastingen, heffingen, retributies dan wel rente, interest, kosten en bestuurlijke boeten voor zover aan zijn opdrachtgever te wijten gedurende een jaar na de aan het Rijk gedane betaling.
2. Het in het eerste lid toegekende voorrecht heeft gelijke rangorde als het in <a href="/wet/BWBR0004770/artikel/21" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 21 van de Invorderingswet 1990</a>toegekende voorrecht van ’s Rijks schatkist, met dien verstande dat dit laatste voorrecht voorgaat.
2. Het in het eerste lid toegekende voorrecht heeft gelijke rangorde als het in <a href="/wet/BWBR0004770/artikel/21" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 21 van de Invorderingswet 1990</a>toegekende voorrecht van ’s Rijks schatkist, met dien verstande dat dit laatste voorrecht voorgaat.